Anno 2010 heeft de stad de natie verdrongen. De natie domineerde het politieke denken en systeem van de 19de en 20Ste eeuw. Vandaag is dit de stad. Steeds meer Vlaamse steden hebben dit begrepen. Ze zijn zich bewust van hun centrale economische, culturele en politieke rol. Citymarketing is hip; de creatieve stad is de favoriete kapstok. Gent profileert zich als filmlocatie en als te ontdekken toeristische parel, Hasselt verkoopt zich als lekkere en creatieve stad. Zelfs Aalst speelt haar culturele troeven uit, maar is er voorlopig nog niet aan uit of dit nu het carnaval, Daens dan wel Louis-Paul Boon moet zijn.
De creatieve Stad A
Noblesse oblige: Antwerpen neemt het voortouw als creatieve stad. Het Museum aan de Stroom opent deze week. De uitverkorenen die het bouwwerk van de Nederlandse architecten Neutelings Riedijk reeds konden bewonderen, sparen de superlatieven niet. Het MAS is nu al het nieuwe icoon van de stad. De mooie en fascinerende buitenkant van het museum zou aan de binnenkant alle verwachtingen inlossen. Unisono geluiden in de media bejubelen het concept en de enorme collecties die het museum herbergt.
Het MAS is een statement van formaat van deze stad die hard inzet op het rijke verleden, erfgoed, cultuur van Antwerpen én haar creatieve potentieel. Antwerpen presenteert zich als de creatieve stad par excellence in Vlaanderen. Wereldwijd is ze al langer bekend als modestad, een faam die ze in eerste instantie dankt niet aan het stadsbestuur, maar wel aan het uitstekende werk van de modeacademie. Pas nadat de wereld de “Antwerp Six” had leren kennen, is het bestuur tot het besef gekomen dat dit label een troef is. Vanaf dan heeft ze ingezet op de uitbouw van haar creatieve imago. Vandaag koestert de stad haar cultuurhuizen en investeert ze in nieuwe projecten die de cultuur en geschiedenis van de stad illustreren.
Eén van de twee prestigeprojecten wordt deze week officieel geopend: het Museum aan de Stroom. In 2013 zal het tweede project wellicht met evenveel grandeur boven het doopvont gehouden worden: het Red Star Line Museum. Dit project omvat de restauratie van de site van de vroegere Red Star Line, de scheepvaartlijn die meer dan twee miljoen Europeanen vervoerde van Antwerpen naar Amerika, tot museum van de migratie. Beide projecten, die het rijke (multi-)culturele en economische verleden van de havenstad levendig maken, leven sterk onder de Antwerpse bevolking.
Afgaande op de Antwerpse geestdrift lijkt het een goede zaak om in te zetten op het rijke en diverse culturele erfgoed en geschiedenis van een stad. Inzetten op het geheugen van de stad draagt bij tot gemeenschapsvorming, geen overbodige luxe in een multiculturele stad als Antwerpen. Het geheugen van een stad is tevens een uitstekende vertrekbasis voor een creatief economisch beleid. Dat is alleszins de algemene teneur in wetenschappelijke en beleidskringen.
Maar is geschiedenis voldoende voor de uitbouw van de creatieve economie? En is een centrale focus op creativiteit een goede zaak tout court?
Europa, het oude besje
Creativiteit is momenteel het enige wat Europa te bieden heeft. Elkeen die buiten Europa reist dezer dagen, West- maar vooral Oostwaarts, komt ontnuchterd terug: Europa is het oude continent, de toekomst wordt vooral Oostwaarts gemaakt. Europa is het oude besje dat achterophinkt, maar nog steeds denkt dat ze 18 jaar en springlevend is. Europa heeft een fantastisch verleden, het continent is het centrum van de kunsten en de wetenschap geweest, geroemd om wat het heeft betekend voor de wereld op economisch, politiek en cultureel vlak. Maar ze is vooral ‘geweest’.
We moeten er dringend werk van maken om Europa terug dynamisch te maken. Cultuur, kunst, creativiteit en geschiedenis – de basis van Europa’s rijke verleden - vormen een uitstekend vehikel. Dus ja, resoluut inzetten op erfgoed, cultuur, creativiteit en innovatie is de enige optie die Europa heeft. Deze gedachte vormt trouwens de vertrekbasis van het project Europa 2020.
Het MAS is dus absoluut een goede zaak. Dit zowel vanuit Europees, Vlaams als Antwerps perspectief. Het toont de rijke en diverse geschiedenis van de stad aan de Antwerpenaren en toeristen in een resoluut hedendaagse en vooruitstrevende verpakking en context van het iconische gebouw. Voor de stadsbestuur is het MAS tevens een belangrijk instrument in het revitaliseren van de stad. Deze strijd werd reeds ingezet met “t stad is van A”, een campagne die na de Visa-affaire en het succes van het Vlaams Belang, de verzuring in de stad moest bekampen. Het MAS en het Red Star Line project vormen een logisch vervolg op de citymarketinginspanningen van het Antwerpse stadsbestuur. Inspanningen die absoluut toe te juichen zijn, mits twee kanttekeningen.
Blijf niet hangen bij de geschiedenis
De bouw van een museum dat het verleden van een stad verbeeldt en celebreert, is een uitstekende manier om aan gemeenschap te werken en toerisme aan te zwengelen, maar volstaat niet om de creatieve stad van de toekomst vorm te geven. Een volwaardig creatief beleid is vooral toekomstgericht. Het vergt dat steden inzetten op het stimuleren van een bloeiende en dynamische creatieve sector, lokale cultuurparticipatie, gemeenschapsgerichte projecten en ontwikkeling van brede creatieve industriële activiteiten.
’t Stad is van iedereen’
Stedelijke regeneratieprojecten hebben ook potentieel perverse effecten. Stadsdelen die ineens hip worden, omdat een hoger opgeleide creatieve klasse er zich vestigt, aangetrokken door het culturele, culinaire, … aanbod, worden immers ineens onbetaalbaar voor zij die er hun hele leven woonden. Zij moeten uitwijken, verder buiten de stad. Dit zien we overal gebeuren, met Bilbao als bekendste voorbeeld: de bouw van het Guggenheim museum betekende de opleving van een achtergestelde wijk, maar had ook tot gevolg dat de oorspronkelijke wijkbewoners moesten uitwijken. In dat opzicht is het een goede zaak dat het MAS op het Eilandje is gebouwd, niet in een drukbevolkte volkswijk. Het Bilbao-voorbeeld indachtig, laat toch vooral de baseline ’t Stad is van iedereen’ de leidraad blijven van het Antwerps stadsbestuur…
Wat kan A dat B niet heeft?
Moeten alle Vlaamse steden nu het Antwerpse voorbeeld volgen? Neen. Niet alle steden hebben de nodige culturele, historische en creatieve troeven in handen om zich te profileren als creatieve stad. Bovendien willen we het niet meemaken dat elke Vlaamse centrumstad als pakweg Aalst of Roeselare, in het zog van Leuven een prestigieus museum zou bouwen. Niet zozeer de bouw zelf zou een probleem stellen, wel het feit dat deze musea bij de Vlaamse overheid zullen aankloppen met de vraag naar structurele subsidies voor het onderhoud van vaste collecties, waarvan de historische, culturele en artistieke waarde zou kunnen betwijfeld worden.
Nochtans is er één stad waarvan we dit uitgerekend wel mogen verwachten. We mogen dit verwachten van de grootste, misschien wel enige, maar alleszins belangrijkste stad van ons land: Brussel. Brussel is de stad waar onze belangrijkste politieke instellingen maar ook de belangrijkste internationale organisaties gevestigd zijn, waar internationale bedrijven een zetel hebben, het is de stad van de media- en cultuurbedrijven, kunstorganisaties en met zijn 70.000 studenten tevens de grootste studentenstad van België. Kortom: Brussel heeft alles in huis om zich bij uitstek te profileren als creatieve stad, als motor van innovatie, economische en culturele groei van ons land. Brussel als creatieve stad is dus de evidentie zelve. Maar laat het nu net in deze stad zo moeilijk zijn om wat dan ook te realiseren. Maar dat is dan weer een ander verhaal…
Katia Segers is docent communicatiewetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel, directeur van het Centrum voor Media- en Cultuurstudies van de Vrije Universiteit Brussel en professor Creatieve industrieën aan de Universiteit Antwerpen.
@Allen: reageren op deze bijdrage impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus - mod






13/05/2011 om 11:16
Antwerpen blijft maar constructies neerpoten in de hoop ooit haar haven te kunnen groeien. Antwerpen zonder haven is zoals Leuven zonder de studenten, een provinciestadje met een gezellig oud centrum. Goed voor de toeristen, maar zo hard aan traditie verknocht dat het verstikkend werkt voor creatievelingen.
En trouwens, ik weet dat het niet mooi is een pasgeborene te beoordelen, maar ik vind het MAS lelijk.
13/05/2011 om 21:54
Dit Misplaatst Antwerps Stoefproject is de zoveelste reclamecampagne van een stadsbestuur onder leiding van een gewiekste publiciteitsmanager.
60 miljoen euro om vier musea met te weinig plaats op nog minder ruimte duwen (de kassa van de immovriendjes rinkeld) en dit verkopen als een grootse culturele doorbraak, dat moet je kunnen.
Tegelijk worden mensen die er wat “anders” uitzien van de straat gepest, worden lokale bibfilialen met sluiting bedreigd en wordt cultuur en wonen in’t stad voor mensen met een gewoon inkomen stilaan onbetaalbaar.
Antwerpen wordt meer en meer de stad van de cocaïnesnobs, het plat commerciële toeristen en de uitgaansbuurt van de belastingsvluchtelingen.
14/05/2011 om 09:27
Inderdaad zoals Mr.Desmet schrijft, vanaf ik het ontwerp zag, vindt ik het “verschrikkelijk lelijk” al kan het binnenin misschien nog meevallen.
De rode lompe blok steekt boven alle mooiere historistische gebouwen uit!
Waar is de ziel van de mooie historische stad gebleven?
14/05/2011 om 09:51
Als het MAS een start kan zijn voor meer (europees) dynamisme in Europa,dan zal het wel goed zijn.Zo had ik het nog nooit bekeken.
14/05/2011 om 10:36
Ja beste erik, van cultuur heb je blijkbaar niets begrepen. En jacques van architektuur heb jij niets begrepen. Blijkbaar zijn jullie beiden ook geen antwerpenaars. maar als de olifant naar antwerpen komt staan jullie misschien op eerste rij. Cultuur kost geld, evenals het bewaren ervan. Met het MAS heeft de stad zijn rijkdom uit de bedompte oude gebouwen gehaald en op een sprankelijkke wijze tentoongesteld aan het publiek. Een stad moet niet altijd pronken met de gebouwen uit het verleden, maar moet ook het heden en de toekomst toelaten binnen zijn muren.