Het Boerkaverbod, de beperking van gezinshereniging na immigratie, vrouwenquota’s voor raden van bestuur: ook zonder echte regering stemt ons federaal parlement lustig wetten. Sommigen loven de triomfantelijke terugkeer van de parlementaire democratie. Ik zie vooral een parlement dat stuurloos aan de oppervlakte improviseert met symbooldossiers.
Ik verklaar mij nader. Afgezien van een beperkt veiligheidsaspect, is niet de Boerka het probleem, maar wel de discriminatie die tot de Boerka leidt. De Boerka resulteert uit de totale onderwerping van de vrouw door Moslimextremisme. Door het symbool te verbieden wordt die oorzaak niet aangepakt, maar integendeel weggemoffeld. We willen er letterlijk niet meer mee geconfronteerd worden en construeren zo zelf een staat van ontkenning terwijl het probleem voort ettert.
Het beperken van gezinshereniging na immigratie is een statistische maatregel om probleemimmigratie te verminderen. Hij zal ongetwijfeld effect hebben, maar de grondproblemen zitten wel elders. Waarom is gezinshereniging een probleem? Omdat we geen deugdelijk beleid hebben voor selectieve immigratie, zodat de initiële migrant al te vaak een probleemmigrant is. Omdat immigranten van buiten Europa hier geen werk vinden en zich nestelen in uitkeringen of erger. Een strengere gezinshereniging zal de kraan wat dichter draaien en de druk verminderen. Maar de grondproblemen blijven onaangeroerd. De noodzakelijke maatschappelijke mobilisatie voor integratie wordt uitgesteld.
Vrouwenquota zijn meer van hetzelfde. Het probleem is niet in de ondervertegenwoordiging van een beperkte elite van vrouwelijke topkaders in raden van bestuur. Het probleem is dat vrouwen algemeen onvoldoende doorgroeien in bedrijven. Dat komt door een combinatie van stereotype gezinspatronen, door andere studiekeuzes, meer deeltijdwerk, door onvoldoende ondersteuning voor de combinatie van werk en gezin, en door een restdosis seksisme en discriminatie. Verplichte quota veranderen daaraan niets. Wel integendeel, ze organiseren en institutionaliseren discriminatie ten voordele van een klein clubje vrouwelijke topmanagers. Het onderliggende probleem van seksuele segregatie wordt daarmee dus nog verergerd.
Bonussen
En het lijstje is nog niet af. Deze week is gestart met het volgende symbooldossier: dat van de bonussen voor bedrijfsleiders. Enkele Franstalige socialisten willen bedragen begrenzen, sociale- en milieuparameters opdringen en bonussen zonder meer verbieden binnen de twee jaar na een herstructurering. Dat laatste zet meteen de toon. Herstructureringen zijn een duur en noodzakelijk kwaad waar nagenoeg geen enkel bedrijf lichtzinnig mee omspringt. Goede crisismanagers zijn daarenboven essentieel om bedrijven een nieuwe toekomst te geven. Het probleem is dus niet dat zij beloond worden wanneer anderen hun baan verliezen. Het probleem is dat bedrijven te weinig doen opdat ontslagen werknemers nieuw werk zouden vinden. Daaraan verandert een bonusingreep geen sikkepit.
Idem voor de bonusdiscussie zelf. De socialistische agenda is deels ideologisch egalitarisme tegenover inkomensverschillen. Men kan daarvoor of daartegen zijn. Maar de bankencrisis heeft ons wel geleerd dat bonussen een probleem zijn wanneer ze steunen op casinokapitalisme met de belastingbetaler als gatenstopper. Het grondprobleem is dus niet de bonus zelf, maar de marktcontext die toelaat dat bedrijven roulette spelen op kosten van derden. Het antwoord daarop is betere regulering, voor effectieve concurrentie, correcte belastingbetaling, toepasbaar faillissement, en zo verder. Artificiële politisering van bonuspraktijken doet niets aan deze grote kerntaken, maar treft alleen een symptoom. En passant wordt de collectieve frustratie over de bankencrisis zonder blozen afgewenteld op alle bedrijven, alsof het casino overal zit.
Improvisatie
Parlementaire democratie is een tango tussen regering en parlement. Zonder het kader van een regeerprogramma gedragen parlementariërs zich als spreekwoordelijke honden in de vleeswinkel: er wordt in het rond gehapt en liefst naar de meest sappige stukken. Een parlement zonder regering is dus garantie voor symboolpolitiek. Meteen wordt duidelijk dat de rekening van onze institutionele impasse veel meer is dan uitstel van broodnodige sociaaleconomische hervormingen en onvermogen tot strategisch budgettair beleid. Voor een aantal prangende maatschappelijke dossiers krijgen we nu improvisatie die de onderliggende problemen maskeert en compliceert.
Intussen wordt achteloos omgesprongen met enkele grote basiswaarden van samenleving en economie. Het Boerkaverbod staat op gespannen voet met zelfbeschikking en de vrijheid van expressie. Gezinshereniging interfereert met het fundament van de hele mensheid: de familie. Vrouwenquota verbasteren de droom van gelijke kansen tot een programma van gelijke resultaten. Net zoals de bonusbeperkingen, zijn ze een middel om privébedrijven tot het instrument van een politieke agenda te kneden. Dat staat haaks op de normale rolverdeling tussen overheid en markt in de economie.
Ik zeg niet dat al deze thema’s geen aanpak vergen, noch dat de gemaakte keuzes allemaal verkeerd zijn. Ik zeg wel dat, bij gebrek aan overkoepelende regeringsvisie, het parlement het slachtoffer wordt van zichzelf en de samenleving opzadelt met wetgeving die ontoereikend is en bulkt van de perverse effecten. Iets is niet altijd beter dan niets. Met zijn beroemde uitspraak voor “government of the people, by the people, for the people”, doelde Abraham Lincoln op de representatieve democratie, met een gezonde spanning tussen parlement en regering. Zonder regering glijden we af richting de karikatuur van Arthur Seldon: “government of the busy, by the bossy, for the bully”.
Marc De Vos doceert aan de UGent en is directeur van het Itinera Institute (www.itinerainstitute.org).
@Allen: reageren op deze bijdrage impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus - mod






21/06/2011 om 14:02
Hoeveel vrouwen dragen er een boerka in Belgie. 50 100 ??
21/06/2011 om 14:05
Geachte Heer De Vos.
Wat herstructureringen betreft slaat U de bal wel degelijk mis. Ik kan U in mijn bedrijf het voorbeeld geven van 2 collectieve afdankingen die volstrekt overbodig waren (ook volgens het huidige management) en meer kwaad dan goed gedaan hebben aan ons bedrijf. De managers die wegens hun -iets te groot- ego die afdankingen tegen elk gezond verstand in toch hebben doorgevoerd hebben wel hun bonussen en ’stock options’ opgestreken en op basis daarvan een nieuwe en beter betaalde ‘uitdaging’. De mensen die ze verplicht hebben tot brugpensioen worden nu met de nek aangekeken en als ‘profiteurs’ bestempeld, ook al zoeken ze vasthoudend naar een job en wil niemand hen aannemen.
Ik verwacht dan ook veel van een iniatief als de G1000 waar mensen met praktijkervaring uit de privé-bedrijven aan bod kunnen komen. Misschien ook in de media die vakbonden en andere middenveld-spelers blijkbaar niet ‘media-geniek’ genoeg vinden, net omdat ze structureel willen werken en niet aan ’steekvlam’-politiek met ‘oneliners’ willen doen.
21/06/2011 om 14:19
Verlaat eens de gebaande paden en denk eens alternatief:
Een maatschappij heeft een bestuur nodig die via wetten en met behulp van belastingen zorg draagt voor een goede samenleving van de mensen in een gezonde omgeving.
In deze ene regel zijn vijf elementen van belang:
1. Een bestuur met de nodige volmachten.
2. Belastingen om dit bestuur mogelijk te maken.
3. Een maatschappij die in vrede moet kunnen samenleven.
4. Personen die het beste voor zichzelf zoeken.
5. De gezondheid van de natuur die steeds meer aangetast wordt door steeds meer mensen en daardoor de gezondheid van de mensen aantast.
Om tot een evenwichtig beleid te komen moeten er dus vijf evenwaardige groepen van vertegenwoordigers gekozen worden die de eventueel tegenstrijdige wensen van de verschillende belangen in een samenleving tot een geheel smeden. Een vrede voor het volk door het uitpraten van de problemen en het opstellen van wetten in een parlement met 5 specialiteiten. In tegenstelling met de wens van de extremisten voor de vrijheid van het stemrecht zou ieder stemgerechtigde persoon verplicht moeten zijn vijf stemmen uit te brengen om tot een volwaardig parlement te komen:
1. Eén stem voor de vertegenwoordiging die het bestuurlijke van het staatsapparaat bepaalt. Niet noodzakelijk een communist.
2. Eén stem voor de vertegenwoordiging die de financiële huishouding van het staatsapparaat bepaalt. Niet noodzakelijk een kapitalist.
3. Eén stem voor de vertegenwoordiging van de maatschappelijke behoeften: scholen, klinieken, brandweer, openbaar vervoer, energievoorziening en afvalbehandeling, algemene sociale zekerheid, de bescherming tegen de misdaden tegen de menselijkheid.
4. Eén stem voor de vertegenwoordiging van de individuele vrijheden: het individu, het gezin, de vrije meningsuiting, het recht op privacy, het recht op verscheidenheid, de rechten van de mens.
5. Eén stem voor de vertegenwoordiging van de natuur. De gezondheid en de toegankelijkheid van onze natuurlijke omgeving.
De huidige samenstelling van het parlement is in dit opzicht inderdaad niet ideaal maar droom eens van een parlement van 150 personen samengesteld uit 5 groepen van telkens 30 rechtstreeks verkozen personen. Die, ongeacht de politieke structuur waartoe zij behoren, gekozen zijn omdat het volk denkt dat zij het best één van deze vijf belangen zullen vertegenwoordigen. Jong of oud, man of vrouw, progressief of behoudsgezind, links of rechts, dit kan voor iedere groep verschillend zijn en is dan de keuze van het volk. Indien een vertegenwoordiger niet verder kan of wil is het de volgende in voorkeurstemmen die zijn plaats inneemt. Deze man/vrouw wordt voor deze groep dan als beste beschouwd, zelfs indien dit iemand van een ander gedachtegoed is.
Wat een tegenstelling met de botsende grenzen door de dominantie van de huidige particratie. Uit de stuurloze ervaringen van dit moment kunnen mooie lessen worden getrokken.
En voor de huidige moeilijke periode zonder leidende uitvoerende macht:
Liever geen gekozene dan een politieker die de macht van zijn partij discriminerend misbruikt voor een versterking van de macht van die partij om daardoor de eigen positie binnen die partij veilig te stellen.
Dit is het extremisme van het socialisme.
Liever geen gekozene dan een politieker waarvan geweten is dat hij zijn mandaat verkoopt aan de hoogste bieder van de toekomst en daardoor de economische steun aan zijn partij verzekert.
Dit is het extremisme van het liberalisme.
Liever geen gekozene dan een politieker die de macht van zijn partij misbruikt om extra persoonlijke inkomsten te genereren via onderhorige verenigingen. Hij wordt al vergoed voor de uitoefening van zijn mandaat en dit zijn inkomsten waartoe hij door de noodzakelijke scheiding der machten geen recht op mag hebben.
Dit is fascisme.
21/06/2011 om 14:38
De schijnbare “parlementaire democratie” is niet verworden tot het behandelen van enkele symbooldossiers, het is vooral overgeleverd aan het totalitaire regime van enkele partijen die de verkozenen “misbruiken” om onderhandelingsstrategieën rond een regeringsvorming trachten te beïnvloeden.Daar waar voorheen de parlementaire fracties in het kader van een regeerakkoord rustig de partijdiscipline konden volgen, dienen zij zich nu in te schrijven in een strategie dewelke een handje vol “reggerders in spé” bepalen, die dan nog diametraal tegenover elkaar staan.
Het spel tussen regering en parlement is dus inderdaad verstoord zoals Marc Devos aanhaalt, wat echter nog veel erger is, en volkomen te vergelijken met de toestand in de jaren 30 van vorige eeuw in Duitsland : Het betreft geen schijnsymbolen, het betreft een volkomen schijnparlement …. met het uitblijven van de vorming van een regeringk waarbij de regering van lopende zaken in een gegijzelde situatie blijft door de onerhandelaars (De Wever - Di Rupo), kan men gerust spreken van schijndemocratie …. vele malen erger dan men hierboven in de opinie denkt te moeten voorstellen !
Wir haben es nicht gewust !
21/06/2011 om 15:10
Glashelder en geen speld tussen te krijgen.
Bravo, met een staande ovatie voor dit opinie stuk.
Het deel over vrouwenquota wordt hier meesterlijk terug gebracht naar de essentie.
Problemen via wetten isoleren om bij de volgende verkiezingen de kiezer te plezieren, dat is de essentie van ons politiek bestel geworden. De oorzaken aanpakken is niet meer van belang.
21/06/2011 om 16:43
Onze franstalige socialisten stellen voor om de bonussen te beperken.
Waarom niet ineens het cumuleren van postjes beperken tot laat ons zeggen 30% van hun basisinkomen (zijnde hun parlementaire / ministeriële / locale / …vergoedingen - zij mogen voor mijn part nog de hoogste kiezen).
Met het cumuleren bedoel ik alle andere vergoedingen dan hun basisinkomen (zitpenningen, bestuurdersvergoedingen, delocatievergoedingen, privepraktijken, sprekersvergoedingen, kortom alles wat nog geld opbrengt).
22/06/2011 om 11:06
@Benny
Zowel de Vlaamse alsook de Waalse socialistische partijen hebben in België van de meest strenge interne reglementen wat cumulatie van ambten betreft. Daarenboven hebben ze ook de strengste reglementering omtrent het cumuleren van ambten en afdragen van daaraanverbonden vergoedingen en inkomsten …. vraag maar eens aan NV-a, Open-VLD en LDD wat zij cumuleren in als inkomen bijharken, zo goed als onbegrenst of in het geval van LDD absoluut …..
22/06/2011 om 12:23
Zoals een vrouwelijk parlementslid mij vertelde : wij moeten naar Brussel rijden om daar te zitten als bloempotten.
22/06/2011 om 14:57
Overkoepelende regeringsvisie?
Wanneer hadden wij ooit regeringen met visies? Al eens gekeken, wie er zetelt in de talloze regeringen, die we wel nog hebben? Al gezien wie er eventueel in een nieuwe federale regeringen postjes gaat bezetten? Verwacht U daar van een visie?
Laat dan het parlement maar doen. Al is het niet perfect, het kan nog veel slechter.