deredactie.be - OPINIE

Het Generatiepact, een eerlijke evaluatie schuwt de slogans

20 / 09 / 2011

Tegen oktober moet het Generatiepact zijn geëvalueerd. Voor sommigen is deze evaluatie enkel maar een opstapje naar een nieuwe aanval op de brugpensioenen. Om in het verlengde daarvan onmiddellijk ook de landingsbanen (deeltijdse uitgroeibanen voor ouderen) op de schop te nemen. En in één beweging ook het vervroegd pensioen.

En dus is de ‘framing’ al volop begonnen (framing is, vrij naar wikipedia, “een overtuigingstechniek die door woorden en beelden zo te kiezen impliciet een aantal aspecten van het beschrevene uitlicht. Deze uitgelichte aspecten helpen om een bepaalde lezing van het beschrevene of een mening daarover te propageren”). ’Generatiefiasco’, stond nog vorige week trendsentieus te lezen in een Vlaams weekblad voor ondernemers . En je kan er gif op nemen dat dit ook de toonzetting wordt op het event dat het VBO nu woensdag organiseert omtrent het Generatiepact.

Stop de prietpraat

Voor de zoveelste keer: stop de prietpraat die zegt dat er sinds het Generatiepact (eind 2005) geen betekenisvolle vooruitgang is. We halen met vlag en wimpel de doelstelling van het Generatiepact dat de werkzaamheidsgraad van de 55-64-jarigen anderhalve keer zo snel moest stijgen als het gemiddelde van Euro 15 (de landen die vóór 1 mei 2004 lid waren van de Europese Unie).

Het aantal werkenden van 50 tot 64 jaar is serieus gestegen, sinds 2005 met 217 000 werknemers om precies te zijn. Het aantal brugpensioenen en pseudobrugpensioenen (Canada Dry’s) beneden de 60 jaar is behoorlijk geslonken (het aantal brugpensioenen tussen 50 à 60 jaar daalde in het 2de kwartaal van 2011 met -24,3% ten opzichte van het 3de kwartaal in 2005) . Het gebruik van “jonge” brugpensioenen bij herstructureringen is zwaar teruggedrongen. Almaar meer oudere werklozen en bruggepensioneerden moeten beschikbaar blijven op de arbeidsmarkt, dat vermindert de aantrekkelijkheid zienderogen. En de financiële crisis heeft geen massieve uitstoot van ouderen voor gevolg gehad.

Ik aanvaard de reactie dat we er nog lang niet zijn. Dat onze werkzaamheidsgraad bij ouderen nog serieus onder het Europese gemiddelde zit. Dat een tandje moet worden bijgestoken. Maar vraag me niet de pure leugen te accepteren dat nagenoeg niks is veranderd. De werknemers hebben moeten veranderen en ze hebben willen veranderen. Ik weet alleen niet of dat ook op dezelfde wijze geldt voor de werkgevers. Ongetwijfeld moet vooral van die kant een tandje worden bijgestoken.

Ik ga niet opnieuw ons volledig cijferarsenaal inzake het langere werken bovenhalen (dat vind je op acv-online ).Omdat ik in dit stuk vooral een ander type ‘framing’ op de korrel wil nemen: de versmalling van het Generatiepact tot een pact voor langer werken. Terwijl het Pact een reeks doelstellingen beoogde. En een eerlijke evaluatie dus ook bekijkt wat er van het geheel van die onderdelen is terechtgekomen. “Effe checke.”

Pact voor alle generaties

Er wordt nog al eens vergeten dat het Generatiepact ook de jeugdwerkloosheid wilde aanpakken, in het bijzonder die van ongekwalificeerde jongeren. De jongeren waren de eerste en zwaarste slachtoffers van de financiële crisis. Maar naarmate het mooie herstel van de groei die conjuncturele jeugdwerkloosheid opnieuw opslorpt, komen de structurele problemen van 2005 opnieuw aan de oppervlakte: de zware aansluitingsproblemen voor ongekwalificeerde schoolverlaters, de achterstelling van jonge allochtonen, de concentraties van jeugdwerkloosheid in de grootsteden …

Het Generatiepact beoogde ook een boost te geven aan het alternerend leren en werken. Met welk resultaat? Je kan bezwaarlijk beweren dat echt recht wordt gedaan aan die opleidingsvorm. En je kan bezwaarlijk ontkennen dat het qua aanbod van kwalitatieve werkplekopleidingen voor jongeren van kwaad naar erger is gegaan. De toename van het alternerend leren en werken bij de overheid en de uitbouw van voortrajecten maskeert de zware terugval van dit aanbod in de privésector.

Langere en lichtere loopbanen?

Het Generatiepact beoogde ook kwalitatieve verbeteringen aan de loopbanen. Met meer investering in opleiding. Met meer loopbaanbegeleiding. Met meer landingsbanen. Met meer mogelijkheden voor overstap van zwaar naar licht werk. Met omzetting van eindejaarspremies in verlofdagen. Want langer werken is niet alleen een kwestie van willen, maar vooral ook van kunnen. In hoeverre is dat gelukt?

In elk geval niet voor de opleiding. Per jaar 5% meer werknemers in opleiding, stelde het Generatiepact. Of anders: per jaar een extra-investering van 0.1% van de loonmassa. Van 2005 tot 2009 had dat dus moeten betekenen: 20% van de werknemers meer in opleiding; of 0.4% van de loonmassa extra voor opleiding. Die +20%, dat werd in realiteit +0.1%. En die +0.4%, dat werd +0.04%.

En denk vooral ook niet dat er veel vooruitgang is voor de loopbaanbegeleiding of voor de overstap van zwaar naar licht werk. De omzetting van eindejaarspremies in verlofdagen stierf een stille dood. En het heeft tot een eind in 2010 geduurd eer de beloofde premies er kwamen voor oudere werknemers die loonverlies leden door overstap van zwaar naar licht werk. Welnu, zegge en schrijve 11 mensen hebben daar al van genoten.

Alleen de landingsbanen bleken een succesnummer te zijn. Schandalig, zeggen de werkgevers nu in koor. Nochtans was dat precies een van de doelstellingen van het Generatiepact. Overigens gecompenseerd door een serieuze inperking van het aantal werknemers met voltijds tijdkrediet.

Perspectief voor ouderen

Het Generatiepact stuurde ook aan op een betere omkadering van herstructureringen. Met een verplichte deelname aan tewerkstellingscellen. Nadien versterkt door het relanceplan in het kader van de financiële crisis.

Op dat punt heeft het Pact zijn effect niet gemist. Maar met als vaststelling nu dat dit kennelijk wel goed werkt naar de min-50-jarigen, maar dat het al te weinig perspectieven naar hertewerkstelling biedt aan de oudste werknemers.

Dat is omdat die toch alleen maar snakken naar brugpensioen, zegt men nu. Alsof er ook niets schort aan de kansen die werkgevers willen bieden aan ouderen. Omdat ze te duur zijn, wordt dan gesteld. Nochtans, het gros zijn arbeiders, daar spelen leeftijd- en ervaringsverhogingen weinig of helemaal niet.

Armoedeproof?

En vergeet ook niet dat het Generatiepact een zeer mooi luik bevatte over de welvaartsvastheid van de uitkeringen. Dat is perfect uitgevoerd, al heeft het bloed, zweet en tranen gekost. En al moet je erkennen dat we er nog lang niet zijn. Omdat het koopkrachtverlies voor wie niet-actief wordt nog vaak te groot is. En nog te veel niet-actieven moeten leven met minimale uitkeringen, ver beneden de Europese armoedenorm. Als het Pact wordt geëvalueerd, dan ook bijzonder graag op dat punt.

Je ziet waar ik naar toe wil. Stop het gedaas over een Pact dat zogenaamd meer kost dan het opbrengt. Stop de versmalling van de evaluatie tot het langer werken alleen. Begin te erkennen dat de werknemers ruim hun deel hebben gedaan. En werkgevers, vraag jullie af wat je kunt doen voor uw oudere werknemer, en voor de oudere niet-actieven ‘out there.’

Luc Cortebeeck
Voorzitter ACV

@Allen: reageren op deze bijdrage impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus - mod

11 Antwoorden op “Het Generatiepact, een eerlijke evaluatie schuwt de slogans”

  1. Houben Luc Zegt:

    Stop met discriminaties want meer dan 90% vd werknemers kunnen niet vervroegd op pensioen!

  2. Lode W. Zegt:

    Ik waardeer de analyse van de heer Cortebeeck.

    Met betrekking tot zijn standpunt over de werkgever vrees ik dat hij zich baseert op een ideale markt waarin er een onbeperkte vraag is naar arbeidskrachten. Hij vergeet dat Belgiië een land van diensten en onderzoek geworden is. Zonder productie. Die trend zet zich door. De hoogtechnologische sector biedt mogelijkheden maar geen tewerkstelling voor hen met nauwelijks of geen diploma. En het aanbieden van opleidingen is goed, maar niet iedereen kan opgeleid worden tot professor.

    Naast banen voor opgeleiden blijft er een probleem bestaan. Er zijn heel wat arbeidsplaatsen die niet ingevuld raken. Vaak omdat lagergeschoolden de job niet willen aanvaarden. Werkkrachten van welke leeftijd ook. En de weigering is er zeker niet wegens een gebrek aan opleiding of wegens fysische onbekwaamheid. Maar wegens de werkeloosheidsval : werken brengt brengt nauwelijks meer op dan niet werken.

    En wat met betrekking tot verloning op basis van gewerkte jaren ? Zou op basis van prestatie niet meer aangewezen zijn ? Voor vele werkgevers een grote drempel.

    Graag zou ik - in navolging van zijn analyse - van de heer Cortebeeck een aantal voorstellen lezen die een toekomstperspectief bieden. De getroffen maatregelen helpen niet stelt hij vast. Dus alternatieven zijn nodig.

    Ik zou graag een opiniestuk lezen van de heer Cortebeeck maar dan geschreven vanuit het standpunt van de werkgever. Misschien leidt dat tot meer praktische en haalbare voorstellen.

  3. L. V. Zegt:

    Framing? Hoe komt het dat de werkgevers, VBO en Voka, de liberale denktanks, de rechtse economen enz… zoveel meer in de media aanwezig zijn dan de werknemers? Die werknemers zijn toch met meer zou ik denken? Vanwaar die bijna exclusieve aandacht bij de media voor ‘de bazen’? Waarom wordt er zelden aan de vertegenwoordigers van de werknemers gevraagd wat zij denken maar kunnen de vertegenwoordigers van de werkgevers en hun adepten zoveel meer mediaruimte innemen? Politieke journalisten zijn toch doorgaans ook werknemers?

  4. Michel Zegt:

    Dit opnie stuk is de goed nieuws show van de heer Cortebeeck.

    De cijfers die hij hier naar voor schuift zullen allemaal wel juist zijn en zijn encyclopedische kennis ervan ook.

    Meneer Cortebeeck neemt echter een loopje met wat nog komen gaat. Het is niet omdat er vandaag een lichte verbetering is t.o.v. een aantal jaren geleden, dat de structurele problemen die de komende generaties te wachten staan allemaal verdwijnen als sneeuw voor de zon.

    De arbeidsmarkt, de sociale zekerheid, de brug en andere pensioenen moeten drastisch hervormd worden, anders gaan we er niet geraken.

    Ik ben het ook eens met de reactie van Lode W. De werknemersorganisaties staan steeds op de eerste rij om bepaalde maatregelen af te schieten, maar ik hoor hen zelden afkomen met haalbare alternatieven.

    Als L.V. zich afvraagt waarom werkgevers steeds alle media aandacht krijgen(wat nota bene helemaal niet het geval is), dan moet hij of zij even stilstaan bij het volgende. Je kan pas werk nemen als er iemand is die werk geeft.

  5. Jo Coppens Zegt:

    @ Michel

    Juist gezegd: “Je kan slechts werk nemen als er iemand is die werk geeft.” En wie geeft zijn werk? Of beter gezegd: verkoopt zijn werk, of zijn arbeid of arbeidskracht, want arbeid is een waar zoals alle andere waren, en bekomt daarvoor een loon en niet het loon dat de volle waarde van zijn arbeid dekt? Juist: de arbeider of loontrekkende . Wie koopt er echter zijn arbeid tegen een te lage prijs en probeert deze steeds weer te drukken? De patroon want hij beschikt over het kapitaal. Waar zijn vakbonden voor opgericht? Om de ge-atomiseerde arbeiders te verenigen om zodoende beter (gezamelijk of solidair) een betere prijs voor hun arbeid te bedingen

    En als ik de luxueuse villawijken in de groene gordels rond de steden bekijk en ze vergelijk met de bescheiden optrekjes van zij die alleen maar hun arbeid kunnen verkopen, dan geloof ik niet dat die eersten aan die ruil een slechte zaak doen. Of ze ongelijk hebben dat laat ik in het midden. Bij koop en verkoop werkt men niet met de maatstaf van de moraal. Daar tellen de mensen niet maar de winst. En de uitzonderingen bevestigen de regel.

  6. Eric P. Zegt:

    Het valt me op wanneer men het heeft over het Generatiepact dat men dat altijd spreekt over de privé sector en niet over de openbare sector. Dat men bij het leger, de politie, Belgacom, de NMBS en het onderwijs vb. vroeger uitstapt vindt men normaal. Nu ja goed men heeft dan over zwaar en moeilijk werk alsof het in de privé sector van een leien dakje zou lopen.

    Spijtig genoeg zjn het altijd die mensen die in de verste verten niets met de privé sector te maken hebben die uiteindelijk zullen moeten beslissen hoe lang er daar al dan niet gewerkt zal moeten werken.

    Wanneer er tussen dit en enige tijd maatregelen zullen genomen worden ter bevordering van de werkgelegenheid van 50+ zal dit voor de werkgevers waarschijnlijk vrijblijvend zijn en voor de werknemers verplichtingen inhouden. En dan men dan al meer dan 30 jaar dienst heeft zal blijkbaar van geen tel zijn. Hopelijk zullen jonge ambtenaren deze oudere werkzoekenden niet behandelen zoals jonge onwillige werklozen.

  7. Michel Zegt:

    @Jo Coppens:

    Dus wie arbeid verkoopt aan een “te lage” prijs, heeft de facto een luxueuze villa in de groene rand ?

    De prijs van arbeid is nergens zo hoog als in ons land. Het loon van een arbeider of bediende mag u rustig verdrievoudigen en dan heeft u de “te lage” kostprijs voor de werkgever.

    Tot slot. De bedrijfsleider die voor werkgelegenheid zorgt en daarvoor financieel zijn nek uitsteekt, mag daar van mij de vruchten van dragen. Al dan niet in zijn of haar luxueuze villa.

  8. Jo Coppens Zegt:

    @ Michel

    Uir je laatste zin blijkt wel dat je begrepen hebt dat het over de eigenaars van de villa’s gaat . Want duifelijk staat er in mijn zin: als tweede : “de bescheiden optrekjes van zij die alleen hun arbeid kunnen verkopen” , wat geen enkele vergissing toelaat. Zelfs al heb ik deze in het begin van mijn tekst als eerste vernoemd.

    Een bedrijfsleider zorgt niet voor werk, dat is een sprookje dat door henzelf verteld wordt. Een bedrijfsleider of eventueel aandeelhouder zorgt voor winst, en als het kan voor zo groot mogelijke winst. Zelfs al moet hij daarvoor arbeid afbreken. Het zijn geen filantropen.

  9. Michel Zegt:

    @Jo

    Waarop geeft u in de context van dit opinie stuk eigenlijk commentaar ?

    Op het al dan niet succesvol zijn van het generatiepact ?

    Of op de bedrijfsleiders die allemaal een riante villa hebben aan de rand van de stad, wat duidelijk een doorn in uw oog is ?

    De laatste vraag is ook een sprookje om het met uw woorden te zeggen.

  10. Marc Zegt:

    Zet de ambulancebusjes maar al in om ons allen te komen halen om te gaan werken.
    Alles waar onze ouders en wij voor gewerkt hebben is op.
    En het maar steken op de babyboom na de tweede wereldoorlog.
    Iedereen zit niet in dezelfde werksituatie.
    Laat me nu niet lachen met “zware beroepen” alleen (opgepast : met ALLE respect).

    Maar stel je voor met 55 jaar EN jeugd rondom je heen.
    Als er iets is “met de computer of wat dan ook” moet je dat dan daar maar aan gaan vragen.
    Ik weet het : dit is misschien geen zwaar beroep; maar mensen kunnen NIET meer mee.
    Versta je dat dan niet.

    Ik HUNKER om op brugpensioen te kunnen gaan (ook al kan ik het mij fiancieel misschien niet veroorloven) maar ik ben het BEU.

    Zoek andere oplossingen

  11. Rob G. Zegt:

    Het grote probleem in deze materie schuilt nog altijd in de opleidingen van jongeren en ouderen.
    Ouderen worden niet goed hervomd of bij geschoold om in een andere functie in hun onderneming aan de slag te blijven. Net hetzelfde als bij jonge werknemers. Zie volgende cijfers: In het Generatiepact beloofden de werkgevers om hun oudere personeel bij te scholen, maar volgens het rapport doen ze dat niet. In 2005 kreeg 8,4 procent van de 25- tot 64-jarigen één of andere opleiding. In 2010 was dat nog 7,2 procent. Bij het personeel tussen de 50 en 64 daalde het cijfer van 5,1 tot 4,6 procent.
    Volgens Pieter Timmersmans, secreataris-generaal van het VBO zijn deze cijfers nonsens.
    In werkelijkheid liggen volgens mij deze cijfers zelfs te hoog zoals ze hier vermeld staan.
    In de nieuwe CAO van het pc 218 zijn er terug vier dagen vorming per voorzien voor 2012-2013. Als ik zie hoe sommige bedrijven met deze vier dagen vorming zelfs al een loopje nemen verbaasd het mij niks dat sommige ouderen afhaken omdat ze niet meer voldoende geschoold zijn en niet meer meekunnen in hun bedrijf.

    Dit is ook niet het enigste probleem. Mensen beseffen maar al te goed dat men langer moet werken maar er moet ook iets tegenover staan. Velen weten ook niet dat indien men langer dan de leeftijd van 60 jaar werkt men een extra premie krijgt op hun pensioen. Degelijke informatie naar ouderen toe blijft een must.

Plaats een antwoord op het bericht