In plaats van losse ideetjes heeft het Vlaamse hoger onderwijs nood aan een volwaardig oriënteringsbeleid. Voorstellen als een oriënteringsproef en verhoogd studiegeld morrelen enkel aan de symptomen van een ontbrekend beleid.
De kranten staan er vol van: studenten kiezen verkeerde studierichtingen. Verkeerd in die zin dat slechts één derde in het hoger onderwijs slaagt. Verkeerd in die zin dat opleidingen waar de arbeidsmarkt om schreeuwt te weinig studenten aantrekken. De voorgestelde oplossingen zijn divers: een oriënteringsproef, verhoogd studiegeld voor bepaalde richtingen enzovoort. Niet alleen vergeten deze voorstellen de persoonsgebonden finaliteit van het hoger onderwijs, ze getuigen ook van een gemakkelijke ingesteldheid en van een gebrek aan een volwaardig beleid.
Oriënteringsproef als symptoombestrijding
De Vlaamse rectoren pleiten voor een oriënteringsproef. Te veel studenten kiezen immers een richting waar ze niet voor slagen. Op zich geen slecht voorstel, op voorwaarde dat het een wetenschappelijke proef is die voldoende parameters betrekt en niet bindend is. Een oriënteringsproef is a nice try, but not good enough. Dergelijke proef zorgt immers slechts voor een bijsturing op het laatste moment, terwijl leerlingen in hun zoektocht naar een studierichting veel meer nood hebben aan een oriënteringsproces dat al in het secundair onderwijs start.
Daarnaast mag je dergelijke oriënteringsproef niet op zich laten staan, maar moet ze gepaard gaan met een begeleidingsproces. Het volstaat niet om leerlingen een veredelde quiz te laten invullen en dan te veronderstellen dat de juiste keuze zich daaruit wel zal openbaren. Een persoonlijke begeleiding met interpretatie van de resultaten door een specialist in studiebegeleiding is noodzakelijk. Voor zoiets moeten uiteraard middelen vrijgemaakt worden.
Verhoogd studiegeld als symptoombestrijding
André Oosterlinck, voorzitter van de Associatie K.U.Leuven, pleit voor een verhoogd studiegeld voor studenten die niet-arbeidsgerichte opleidingen studeren. Beroepen waar de arbeidsmarkt om smeekt, wil de ingenieur dan weer gratis maken. Hij wordt daarin gretig gevolgd door de heren van Agoria, de koepel van de technologische industrie. Beide partijen reduceren het hoger onderwijs tot louter een fabriek voor arbeidskrachten.
Het voorstel getuigt van een enorme kortzichtigheid en misprijzen voor de humane wetenschappen. Zij hebben nochtans hun nut in de samenleving. Zullen ingenieurs de gevolgen van de vergrijzing oplossen? Zullen ingenieurs België uit de politieke crisis leiden? Het model-Oosterlinck voorspelt een harde wereld. Humane wetenschappers zijn overigens gegeerd op de arbeidsmarkt. Door hun brede opleiding kunnen bedrijven hen gemakkelijk vormen naar de competenties die vereist zijn voor specifieke jobs.
Daarnaast is het voorstel ondemocratisch. Financieel minder gegoede studenten zullen immers geen keuzevrijheid meer hebben en zullen dus naar de toepassingsgerichte opleidingen worden geleid. Financieel gegoede studenten daarentegen zullen rustig opleidingen als filosofie, taal- en letterkunde en geschiedenis blijven volgen. Studenten worden dus door financiële barrières begrensd in hun keuzevrijheid. Zoiets zou een terugslag in de democratisering van ons hoger onderwijs betekenen.
Tot slot moet in vraag worden gesteld of geldelijke overwegingen wel effect hebben op het keuzeproces, en of ze wel een gewenst effect teweeg brengen. Jan Denys van Randstad gaf in De Standaard correct aan dat andere overwegingen een groter effect hebben op de studiekeuze. Hij haalde eveneens aan dat technische opleidingen als burgerlijk ingenieur momenteel uitzicht geven op goedbetaalde jobs en dat deze richtingen toch maar met moeite voldoende studenten aantrekken. Daarnaast zou een financiële overweging studenten net op een verkeerde plaats kunnen brengen en hen dus negatief ‘oriënteren’. Hetzelfde gebeurt nu bij sommige studenten die een erg statusgebonden opleiding als geneeskunde en rechten aanvangen.
Het is daarentegen belangrijk om de perceptie van de technische beroepen bij te sturen. Nog te vaak worden zij als saai, als voor nerds, beschouwd. Nochtans is de wereld van de techniek enorm boeiend en cruciaal voor onze maatschappij. De foutieve perceptie moet reeds in het secundair onderwijs worden bestreden door leerlingen van techniek te laten proeven. Daarnaast moet er ook werk van gemaakt worden om vrouwen, die de grootste groep van studenten uitmaken, naar deze richtingen te oriënteren.
Oriënteringsbeleid als enige oplossing
We moeten eerlijk zijn. Er zijn inderdaad oriënteringsproblemen. De Vlaamse Vereniging van Studenten zegt dat al bijna tien jaar. Vele studenten kiezen verkeerd en verliezen daardoor een (half) jaar. Bepaalde opleidingen trekken in verhouding met de vraag te weinig studenten aan. Enkel een goed uitgebouwd oriënteringsbeleid kan dit verhelpen. Momenteel worden er al veel goedbedoelde, losstaande initiatieven gelanceerd, het ene al succesvoller dan het andere. De overheid organiseert SID-in-beurzen waar studenten informatie van de hogeronderwijsinstellingen krijgen. Er worden brochures verdeeld onder studiekiezers en recent werd de website onderwijskiezer.be gelanceerd. Helaas vuurt deze (overigens gerecycleerde) oriënteringstest een hele rits complexe vragen van het genre ‘studeert u graag sociologie’ op de 17-jarige leerling af.
Er is nood aan een beleid op maat van de leerling én aan leerlinggebonden begeleiding. Deze begeleiding kunnen we niet afwentelen op het lerarenkorps. Hun takenpakket is reeds omvangrijk en er kan van hun echt niet verwacht worden dat zij het kluwen van studieprogramma’s en instellingen kennen. Ook mag deze verantwoordelijkheid niet volledig bij het secundair onderwijs worden gelegd. Overleg tussen secundair en hoger onderwijs is, in het belang van leerling en student, hoogstnoodzakelijk. De Vlaamse Vereniging van Studenten geeft met de Vlaamse Scholierenkoepel en de Vlaamse Jeugdraad alvast het goede voorbeeld door een overleg onder jongeren tot stand brengen.
Michiel Horsten
Voorzitter Vlaamse Vereniging van Studenten (VVS)
@Allen: reageren op deze bijdrage impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus - mod






26/09/2011 om 12:22
Ik kan uw redenering best volgen, maar het verbaast mij (van alle opinies hieromtrent trouwens) dat er zoveel gelanceerd en gedebatteerd wordt over de doorstroming naar hoger onderwijs zonder dat er cijfers worden geciteerd.
Wat in dit probleem bijvoorbeeld helemaal niet uitmaakt, is hoeveel mensen er uiteindelijk in een ingenieursrichting stappen. Wat wel uitmaakt, is waar zij terechtkomen die een Wetenschappelijk-Wiskundige richting in het ASO hebben gevolgd. Komen zij om te beginnen wel terecht bij de ingenieurs en informatici? Is er daar veel “verlies” naar de filosofie toe? Indien niet, dan zit het probleem niet bij de filosofen of ingenieurs zelf. En misschien het belangrijkst: hoe zit het hier met de verdeling man/vrouw?
Cijfers over waar onze 18-jarigen uiteindelijk voor inschrijven, geklasseerd volgens uitstroomrichting in het middelbaar en geslacht, zouden een enorm inzicht geven in hoe de doorstroming bij ons werkt. Het zou veel pijnpunten onmiddellijk kunnen duidelijk maken en gerichte ingrepen in het middelbaar mogelijk maken.
Waar we alleszins wel vanaf moeten, is van laag-mikkende online studiekiezers die iedereen die zegt “ik kook graag” naar de kokschool zou sturen. Want wie weet had die hobbykok genoeg talent om de volgende Zuckerberg te worden.
26/09/2011 om 13:25
Ja, beste, misschien zullen ingenieurs ons uit de politieke crisis leiden…Hoeveel ingenieurs en wetenschappers zitten in het parlement?? Op één hand te telllen…En Elio Di Rupo , met zijn wetenschappelijke vorming, doet het echt niet slecht…Er zijn teveel ” humane wetenschappers”, punt. Onze bedrijven schreeuwen om geschoolde tecnici en ingenieurs en informatici.
Wij moeten eindelijk het technisch onderwijs, zowel, lager, middelbaar en hoger, de plaats geven die het verdient, namelijk de eerste, en als wij die studenten dan bovendien nog een ruim talenonderwijs aanbieden, zullen die studenten met 100% zekerheid, een goedbetaalde en toekomstgerichte baan vinden.
26/09/2011 om 14:06
Die cijfers en verklaringen bestaan zeker. Ze worden besproken in allerlei individuele projecten en op diverse fora. Er zijn zelfs verschillende interessante en veelbelovende initatieven, vaak uitgewerkt door losse samenwerkingsverbanden en onderzoeksgroepen in het middenveld (instellingen). Om maar een paar te noemen de onderzoeken van professor Cantillon of Van Camp (KHKempen), of het GoLeWe project. Apart zijn dit allemaal goede initiatieven maar het ontbreekt aan een beleid dat dit alles stroomlijnt. Er is geen structureel overleg dat leidt tot een recept dat werkt.
De ingrediënten zijn aanwezig maar men moet ze in de juiste mate samenvoegen. In opinie-stukken geeft men natuurlijk geen gedetailleerde analyses weer, maar wel wat nu net de wijze moet zijn waarop men die ingrediënten samenvoegt.
26/09/2011 om 18:21
De oriënteringsproef is al in opbouw in het franstalig onderwijs, cijfers tonen zelfs aan dat het aantal leerlingen in het 1ste jaar hoger onderwijs die dubbelen, sneller zal dalen dan in het nederlanstalig onderwijs. De taalimmersie-projecten zijn ook op volle toeren bezig aan een uitbreiding (afhankelijk v/d regio, want in sommige scholen is er terug een tekort aan leerkrachten, maar dat is tijdelijk).
Als ik dan naar het nederlandstalig onderwijs kijk, vraag ik mij af waarop men wacht. Variabele kosten afhankelijk v/h studiegebied is een inderdaad een schande!!
De babyboomers gaan massaal op pensioen, wat dus een extra reden zou moeten zijn om leerlingen zo weinig mogelijk jaren te doen verliezen op de schoolbanken, want een leerling die blijft zitten betekent een arbeidskracht minder op de markt.
Wat zou in godsnaam het voordeel zijn voor universiteiten om hun leerlingen zolang mogelijk binnen te houden?? Quota’s, geld, …??
26/09/2011 om 22:35
Uit eigen ervaring weet ik stelligst dat de beste orienteringsproces nog altijd is je eigen hart te volgen en die studie richting te kiezen, die je het meest interesseert en verder alle betuttelende en betwerige raad van allerlei vereniging en instanties, die toch ook maar alleen proberen om hun bestaan te verantwoorden, in de wind te slaan.
Ik ben daar zeer wel mee gevaren en ben er van overtuigd dat de meeste 18-jarigen nog steeds zelf maar al te goed weten wat ze willen.
28/09/2011 om 13:53
Laten we alvast beginnen met de ouders de goede raad te geven hun kinderen niet in een statusrichting te duwen. En laten we alvast de kinderen met een ander ontwikkelingsritme niet uitsluiten wegens dom om ze later sneller te duwen in het watervalsysteem. Het gemiddelde brein bestaat niet. En hersenen kunnen slechts op een hoger abstract niveau gaan denken, wanneer ze een aantal fundamentele vaardigheden hebben geautomatiseerd. Bovendien vergeten breinen veel informatie en is leren louter gebaseerd op het memoriseren van kennis een zeer bekrompen en weinig efficiente leerstrategie. Bovendien hebben menselijke hersenen een ‘onderontwikkeld’ werkgeheugen vergeleken met chimpansees. Het is dus veel verstandiger te leren leren op een efficiente manier die rekening houdt met de mogelijkheden en de gebreken van onze hersenen. Al de rest is “wishfull thinking and waste of tilme and energy”. Willen jongeren daarom iets bereiken, dan zullen ze moeten aanvaarden dat je enkel een kei wordt in iets door een minimum aan aandacht op te brengen en het leren verwerven van een zelfdiscipline. Passie, interesse en nieuwsgierigheid blijken de belangrijkste drijfveren en voorwaarden te zijn om je hersenen in de juiste modus te klikken om met aandacht en de nodige zelfdiscipline kennis en vaardigheden te kunnen verwerven. Wie leren leuk vind zal daarom veel meer verwerven dan wie het saai en overbodig vindt of slechts nuttig omdat nu eenmaal de samenleving, ouders, familie of de meester dat zo vindt. Daarom hebben kinderen en jongeren ook nood aan gedreven ouders, leerkrachten, begeleiders, docenten om denken te stimuleren. Dus al die ouders, leerkrachten en professoren die vandaag het niveau zogenaamd zien dalen, zullen eerst en vooral zichzelf moeten leren evalueren op hun rol en functie. Vandaag is de berg en het oerwoud aan informatie die moderne jonge breinen moeten verwerken het exponentiele veelvoud van een decenium geleden. Zij hebben daarom nood aan structuur en inzicht hoe ze het best door de bomen het bos kunnen zien. De tijd dat je door autoriteit nog kinderen en jongeren kon motiveren of aansporen om te leren (en nadien zeeeeeeeeeeeeer veel te vergeten is voorbij. De tijd dat je op de univ nog kon slagen door leerstof (zeg informatie) te memoriseren is niet meer van deze tijd. Je moet er wat mee kunnen doen en het liefst kunnen toepassen om het laten beklijven en aan te vullen met nieuwe informatie. Denken is meer dan geheugentraining. ICT wordt het verlengstuk van het menselijk brein (is het trouwens al). Je kan er dus beter verstandig mee leren omspringen.