Een “paleisverbod” heeft niets met Laken of politici te maken, wél met geschorste advocaten, of zelfs rechters. Een omgekeerde gevangenis: waar je niet in, maar uit moet blijven. Nu ook met “geschorste journalisten”, met name de hele VRT-crew: de territoriale inkleuring van een tijdelijk ‘Berufsverbot’.
Collectieve maatregel
Het eerste wat me in die verbanning opvalt, is de collectieve draagwijdte van de maatregel. Niet de specifieke crew wordt geviseerd, maar heel de VRT als dusdanig. Wat vreemd, want advocaten die individueel iets mispeuterd hebben, brengen het pleiten van hun collega’s uit hetzelfde kantoor of associatie niét in het gedrang. Waarom in het slechtste geval àndere journalisten de job niet tijdelijk zouden mogen waarnemen, illustreert al de drastische disproportie van de beslissing. Radicaal: zo zijn rechters doorgaans niet ? Vreemd.
Is het een sanctie?
Tweede vraag, eigenlijk al wat belangrijker: gaat het inderdaad om een straf ? Alleszins wordt een normaal toegezegde faciliteit ontnomen. Het nadeel is onmiddellijk en ernstig: zelfs zware geldboetes zijn er peanuts tegen, want het betekent een ‘stand-still’ van een belangrijke nieuwsopdracht van een nationale televisiezender. Geen censuur ? Misschien, maar het effect lijkt wel hetzelfde: “die gaat er uit”, dus blanco scherm in plaats van witte pagina’s. “Nulla poena sine lege” zou BDW orakelen: geen straf zonder wettekst, want anders is de weg naar willekeur een autostrade.
Dan vraag je je minstens af of hier niet minstens met wat meer bedachtzaamheid ingegrepen kon worden, na degelijk onderzoek en elementaire “tegenspraak” er over, want zo functioneert een rechtstaat toch inderdaad. Dit was een héél straffe vorm van “snelrecht”….Snel ja, maar recht ?
Waar is het goed voor?
Van een proces binnen een proces gesproken: is dàt soort heisa wel goed voor het proces waar het écht over gaat ? Was er vooral voor de slachtoffers zélf, niet veel beter netjes overheen gestapt in de lange - en vaak onterechte - traditie van “de minimis non curat praetor”: nu is een fait divers tot een mediazaak verheven. En als het ‘belang’ van de rechtstreeks betrokkenen juridisch én menselijk “de maat van alle dingen” is: riskeerden zij, of zelfs de beschuldigde, er door benadeeld te worden ?
Magistrale ergernis
Indien er overigens van een misdrijf of zware beroepsfout sprake zou geweest zijn, ware een écht onderzoek op z’n plaats, maar hier werd dan in de overhaasting van magistrale ergernis de kar voor het paard gespannen. “De uitleg bevredigt mij niet helemaal” is wel erg kort door de bocht voor een elementaire motiveringsplicht. Denk aan wat Ghislain Londers verweten werd met zijn historisch alarmsignaal: er bleek naar diens éigen woorden “géén echte rechtsgrond”. De hoogste magistraten kunnen zich vergissen, juridisch, én (vooral) over de tactiek.
Wellicht realiseert deze Voorzitter zich wel dat hij in iéder geval op het “bronnengeheim” zal stuiten, en verklaart dàt zijn beslissing, die de facto in “laatste aanleg” valt, want blijkbaar geen mogelijkheid tot correctie of verhaal. Maar dan vallen we in een situatie van “Almacht”, ten goede en ten kwade. De Almachtige Rechter bestaat dus nog steeds, al gaat die notie op zich al in tegen die van justitie zelf: recht dat door mensen gesproken wordt, moet aan nauwkeurige regels beantwoorden, en hoort bijgestuurd te kunnen worden. Nu niet erg netjes dus.
Het recht van de sterkste?
De Voorzitter erkent weliswaar meteen ook zijn beperking, en “beperkt” de banvloek tot 2 dagen “om geen oorlog met de persorganen te ontketenen”. Op die manier speculeert hij er fijntjes op dat de mediastorm wel zal luwen, en ondertussen zijn waarschuwing ontmoedigend werken. Een methode die wel steeds vaker woekert in een justitie die wel het begin van een “zaak” aandurft, maar niet het einde. Net als de intimidaties van àndere publicatie – verboden en juridische Blitzkriegen, steeds vaker met een ‘eenzijdig verzoekschrift’, dus in het geheim opgestart, zodat het doelwit in snelheid genomen wordt. De schade is dan eigenlijk nooit echt te herstellen: is hier dan niet het recht van de sterkste aan zet ?
Ondertussen in de logica van het verbod: welke cataloog van straffen zou nu in de maak zouden kunnen zijn in de briljante geesten van felrode togadragers. Misschien een nieuwe codex waard, inclusief enkelbanden en probatie.
Richtlijnen
De richtlijnen die ondertussen wel vastliggen zijn tot dusver vervat in een tekst geredigeerd door de werkgroep ‘Gerecht en Pers’, en bekrachtigd door de Eerste Voorzitters van de Hoven van Beroep. Grotendeels gaat het om aanbevelingen, die vooral in de rechtszaal alle verantwoordelijkheid overlaten aan de rechter zelf. Het Gerechtelijk Wetboek voorziet slechts “uitzetting uit de gehoorzaal” bij het “verwekken van stoornis” na “waarschuwing” (art. 760 Ger.W.). De rechter kan proces-verbaal opmaken, de aanhouding voor 24 uur bevelen, de tuchtoverheid inlichten. Dat de VRT - crew hieraan ontsnapte getuigt dan weer van een gerechtelijke timiditeit want art. 759 Ger.W. stelt nochtans dat “alles wat de rechter tot handhaving van de orde beveelt, wordt stipt en terstond uitgevoerd”. Mooi zo, maar toch erg gedateerd: dat “alles” lijkt toch wel een reliek uit het Ancien Régime. “Alles” is immers… àlles, en per definitie van het goede te veel.
Professor Vuye noemde Ghislain Londers in zijn eenzame beslissing “een 19e eeuwse satraap” (Knack 13 10 2010). Ik zal het maar minstens houden bij de pijnlijk oningevulde maatschappelijke verantwoordingsplicht in het justitieel persbeleid, mooi aangekaart door Koen Wauters: “die onafhankelijkheid geeft de rechterlijke macht niet het recht om zich buiten de samenleving te plaatsen” (‘De rechter zwijgt’ in De Standaard, 26 08 2010).
De wereldvreemdheid van de magistratuur
Om dus te eindigen met de essentie: de wereldvreemdheid van een magistratuur die nog altijd niet geleerd heeft met de Vierde Macht om te gaan. Het ingebakken wantrouwen, de weerzin tegen samenwerking, en dus de bloedrode toorn bij de eerste ‘faux pas’.
Misschien zelfs een vorm van afgunst of vrees, voor de macht van een pers die met de nieuwste media spelenderwijs omgaat als met een ‘tool’, daar waar justitie nog potsierlijk worstelt met de kinderziekten van de informatica. De pers die met een nieuwsecho lawines kan veroorzaken, tegenover een justitie die ze ondergaat.
Oorlogsjournalisten riskeren hun leven. Een paar magistraten ook, de meesten weliswaar enkel hun carrière, of een klein trapje erin. Het heldendom voor de pers, de pluche voor magistraten ? Alvast speelt een stukje psychologie mee: de angst “misbruikt” te worden, haalt het op de moed om rationeel samen te werken.
De pers als vijand
Als je een anonieme rondvraag zou houden in de magistratuur over vijandelijk denken, zou de pers als ‘target’ scoren, ver boven de advocatuur. Dat zegt minstens iets over de loopgraven - mentaliteit van justitie met de onterecht grote J. : bange rechters ?
Geen transparantie zonder informatie, geen democratie zonder pers. Magistraten lijken nog al te vaak gebiologeerd door het geheim van het beroep, eerder dan het maatschappelijk effect ervan. Logisch: in Justitie worden lekken snel opgezocht, maar dialoog nooit beloond. Justitie zal nog lang een moeilijk verhaal blijven.
Jan Nolf
(De auteur was bijna 25 jaar vrederechter - zie ook de blog www.JustWatch.be.)
@Allen; reageren op deze bijdrage impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus - mod






01/10/2011 om 19:29
Ik vrees dat “de pers” een nog langer en moeilijker verhaal is. “De pers” is immers geen democratisch gegeven. Het is een politiek, ideologisch, consumptie- en sensatiegericht machtsorgaan dat over alles zijn zeg wil hebben met de bedoeling mensen te bewerken en te beïnvloeden, uiteraard onder het mom van “informatie” en “persvrijheid”, gesteund op een deonthologie die rekbaar is volgens haar eigen interpretatie. “De pers” is nergens ter wereld door het volk gekozen. Het is een select gezelschap van strijdvaardige commentatoren, politieke activisten en sensatiegerichte primeurjagers die ver af staan van het ideaal van de zuivere, objectieve verslaggever. “De pers” is onaanraakbaar. Zij beoordeelt zichzelf, doet nooit iets fout, is vol van “mensenrechten” zonder plichten en verschuilt zich achter een grenzeloze privacy, zonder bronvermelding. Het besluit van een magistraat om een bepaald deel van “de pers” enige tijd niet toe te laten tot een gerechtszitting lijkt mij een zeldzaam moedig gebaar tegen journalisten die zich al te zeer opdringen en menen dat hen alles toegelaten is, de goden voorbij. Ik hoop dat deze oprechte mening, gedeeld door “zeer vele” burgers, niet door de VRT-redactie zal geseponeerd worden en afgedaan als beledigend voor de betrokkenen, wat niet de bedoeling is. Het is wel de bedoeling om journalisten ter overweging te geven dat zij zelf mede verantwoordelijk zijn voor de toekomst van de persvrijheid. Ook voor hen zijn er, dunkt mij, grenzen.
02/10/2011 om 08:25
Beste Jo, alles respect voor uw persoonlijke opinie, die uitgaat van het “ideaal van de zuivere, objectieve verslaggever”. Evenwel is de pers wél een zodanig essentieel “democratisch gegeven” dat haar vrijheid gegarandeerd wordt door de Belgische Grondwet (art. 25) en tal van andere Handvesten. Kranten en zenders worden ook dagelijks geplebisciteerd door lezers, luisteraars, kijkers, anders gaan ze uiteindelijk kopje onder. Een moedig verhaal van kritische onderzoekspers is de in 2008 in Frankrijk opgerichte on line krant Mediapart, die al tal van schandalen uitbracht. Het resultaat van deze “strijdvaardige commentatoren” (zoals ook van Le Canard Enchaîné of Le Monde) was daar dat …. vervolgens justitie het werk kon afmaken, want anders was het de rechters alléén, nooit gelukt. Ook als democratisch gegeven in een rechtstaat kan dat tellen, precies omdat de pers inderdaad een “macht” is, en justitie slechts een “bevoegdheid”. Prettig week-end, Jan
03/10/2011 om 12:00
Als men de pers de almacht toewijst om te beschikken over het onderzoekdossier, dan zou men best zorgen dat de volledige jury, tijdens de volledige duur van het proces in afzondering zit. Uit ervaring weet ik dat het objectief beoordelen in een rechtzaak als jurylid, volledige aandacht vraagt. Zoals het nu loopt en men elke dag gewoon naar huis mag, maakt de beinvloeding door de nieuwsberichten een objectieve beoordeling nog moeilijker.
03/10/2011 om 14:45
Recht is al lang krom, zoveel is duidelijk
03/10/2011 om 14:54
Voor mijn mening: zie Jo Haazen .. ik kan het zelf niet beter verwoorden.
En verder gaat het volgens mij niet over of dit mag of niet mag … de vraag die veel mensen zich eens moeten stellen is: “is dat nodig?”
Ik heb zelf de beelden op tv niet gezien, maar ik kan mij inbeelden dat foto’s van een huiszoeking niet nodig zijn. Wij (het publiek) zal geen gemis voelen als we dat niet zien.
Nu, ik vind het ook wel een beetje triest van jullie dat er zo blijft over doorgedramd worden. Ok het was niet fair dat ook deredactie.be buiten vloog, maar laat het nu verder rusten .. ondertussen mogen jullie al terug binnen blijkbaar.