deredactie.be - OPINIE

De groeiende macht van de BRICS-landen

24 / 11 / 2011

De BRICS, de groepering van de ‘grote, opkomende economieёn’, eisen meer macht op het wereldtoneel in ruil voor financiёle steun aan Europa. Het lijkt wel alsof het Westen geconfronteerd wordt met een machtig nieuw blok van landen, maar niets is minder waar. De BRICS, begonnen als een economische theorie en later ontpopt tot heuse politieke organisatie, vertonen nauwelijks samenhang en zijn als groepering irrelevant voor de wereldpolitiek. Het is vooral een nuttig instrument voor Peking om de Chinese invloed in de wereld kracht bij te zetten.

Kantelmoment

Het wereldwijde machtsevenwicht is volop aan het kantelen, nu nog versneld door de financiёle systeemcrisis in het Westen. De sleutel tot deze verschuiving is de ontwikkeling van Aziё, met de opkomst van China als spil. China is het enige land in de BRICS dat er echt toe doet, of het nu gaat om het redden van Europa of het hertekenen van de wereldorde. China is nu al de tweede grootste economie ter wereld, en met jaarlijkse groeicijfers van rond de 10 percent goed op weg om volgend decennium de Verenigde Staten van de troon te stoten als nummer één. Economisch en financieel overschaduwt China de rest van de BRICS-groep: de Chinese economie is groter dan die van alle andere BRICS-landen samen.

En het is vooral China dat op een torenhoge berg reserves zit waarmee het Europese noodfonds eventueel gestut kan worden. De financiële reserves waarover Peking beschikt dankzij een decennialang exportsurplus zijn dubbel zo groot als de reserves van alle andere BRICS-landen samen. De kloof qua financiële vuurkracht is dermate groot dat de rest er veel minder toe doet als het aankomt op het redden van Europa of het eisen van meer invloed in het IMF.

In het zog van China

Maar dankzij het BRICS-vehikel hebben de andere groeilanden succesvol hun wagonnetje vastgekoppeld aan de voortstomende locomotief van het Chinese mirakel, en daar plukken ze diplomatiek de vruchten van in discussies met het Westen over bijvoorbeeld de herverdeling van stemrecht in het IMF. Niet alleen economisch, maar ook politiek en militair is China voorlopig het enige BRICS-land dat een uitdaging vormt voor de machtspositie van de VS en NAVO. China is, al of niet passief, betrokken partij in zowat elk (latent) conflict op het Aziatische continent, van de spanningen tussen India en Pakisten, de oorlog in Afghanistan, het Iraanse kerndossier, over Centraal-Azië, Noord-Korea tot Taiwan en Myanmar. Het eigen ruimteprogramma en de voortschrijdende militaire modernisering, die onlangs nog het eerste Chinese vliegdekschip opleverde, getuigen van China’s ambitie om de status van supermacht te bereiken. Ze zullen in de toekomst een ongeziene Chinese machtsontplooiing mogelijk maken, in de eerste plaats in Azië en in de Pacific en de Indische Oceaan, zowat de meest strategische wateren van de 21e eeuw.

India als runner up

India heeft met China gemeen dat het een demografische reus is en net als vele Aziatische economieën voortdurend groeit, weliswaar minder hard dan China. Net als China gaat India door een proces van industriële revolutie waarmee het definitief komaf kan maken met eeuwenlange koloniale onderschikking aan het Westen. Maar daarmee houdt de vergelijking dan ook op. Economisch speelt India enkele klassen lager dan China. De bloeiende dienstensector kan het gebrek aan hardware niet echt compenseren: India is qua infrastructuur ver verwijderd van de moderniteit zoals China die nu definieert. In een land zonder drinkbaar leidingwater, zonder deftige wegen en met wijdverspreid analfabetisme is er duidelijk nog veel werk aan de winkel.

Rusland als vreemde eend in de bijt

Maar India is tenminste nog een echt groeiland. Wat Rusland in dit rijtje komt doen, is minder duidelijk. Akkoord, de Russische economie is er serieus op vooruit gegaan sinds de chaotische jaren negentig, waarin het uiteenvallen van de planeconomie gevolgd werd door diep ecnonomisch verval en financiёle crisis. Maar in een iets minder korte termijn historisch perspectief is er van groei helemaal geen sprake. De Sovjet-Unie, dat was nog eens een echt groeiland. Dankzij Stalin’s brute vijfjarenplannen werd Rusland van de feodaliteit recht in de 20e eeuw gekatapulteerd, tot de allereerste mens in de ruimte toe. De groeicijfers die de Sovjet-planeconomie de eerste decennia neerzette moeten nauwelijks onderdoen voor die van China vandaag en leidden Chroesjtjov tot de beroemde uitspraak dat hij ‘het Westen zou begraven’ door het economisch in te halen.

Het huidige Rusland steekt maar schril af bij haar machtige voorganger. De Russische geopolitieke invloed in de wereld is een schijntje van wat ze ooit was, net als de roestende industriële infrastructuur en de geïmplodeerde welvaartsstaat. Als er vandaag in Rusland al sprake is van groei, dan is dat enkel in vergelijking met het diepe dal van de jaren negentig en volledig te danken aan de grote olie- en gasvoorraden die van Rusland een Saoedi-Arabië in het kwadraat maken. Als weinig gediversifieerde petro-economie is Rusland hierdoor zeer kwetsbaar voor prijsdalingen op de energiemarkt. Bovendien gaat achter de façade van economische ‘groei’ de demografische krimp intussen onverminderd door, een zeer betrouwbare indicator voor verval: de Russische bevolking is intussen kleiner dan die van Pakistan, nauwelijks groter dan die van Bangladesh en bijna tien maal kleiner dan die van China. Politiek gezien tenslotte heeft Poetin de touwtjes steviger in handen dan zijn voorganger Jeltsin en heeft hij een duidelijke halt toegeroepen aan de groeiende Westerse invloed in het GOS (Gemenebest van Onafhankelijke Staten), getuige de oorlog met Georgië en het terugdraaien van de Oranjerevolutie in Oekraïne. Maar de gloriedagen van de USSR zijn lang vervlogen.

Brazilië en Zuid-Afrika

Brazilië is dan weer wel een, zij het bescheiden, groeiland, maar dankt net als Rusland een groot deel van haar huidige rijkdom en groei aan de export uit de primaire sector, zoals grondstoffen en landbouwproducten. Van een industriële revolutie zoals in Azië is nauwelijks sprake. Ook het militair en strategisch belang van Brazilië stelt weinig en komt nergens in de buurt van de militaire grootmachten in Azië, het kan zelfs niet tippen aan kleinere regionale mogendheden zoals Iran of Pakistan.

Zuid-Afrika heeft in de BRICS nog het minst te zoeken van allemaal. Met een economie die slechts een fractie vormt van de rest (twintig keer kleiner dan de Chinese) en zelfs kleiner is dan België, is Zuid-Afrika echt de vreemde eend in de bijt. Ook strategisch is Zuid-Afrika van weinig belang. De motivatie om Zuid-Afrika te includeren vanaf dit jaar lijkt dan ook louter politiek en symbolisch te zijn: de BRICS omspannen nu vier continenten, met Zuid-Afrika als toeganspoort tot het hele Afrikaanse continent.

Interne tegenstellingen

Maar tegelijk toont het aan dat de term ‘BRICS’ even weinig betekent als de term ‘Derde Wereld’ tijdens de Koude Oorlog: een heterogene groep landen die, zoals na de val van de Muur gebleken, weinig gemeen hebben en zeer andere richtingen uitgaan. Bovendien zijn hun belangen vaak tegengesteld: Braziliё en India ambiёren permanent lidmaatschap van de VN-Veiligheidsraad, maar China zal er alles aan doen om daar een stokje voor te steken. China en India hebben belang bij lage grondstoffen- en energieprijzen, Braziliё en Rusland floreren enkel bij hoge prijzen.

En hun opkomst verloopt zeker niet in harmonie: Rusland ziet met lede ogen aan hoe China haar achtertuin in het Verre Oosten inpalmt, India is bezorgd over hoe China zijn aartsrivaal Pakistan bewapent. Nog voor ze erin slagen het Westen te overklassen, zullen de BRICS wellicht elkaar te lijf gaan, vooral dan de titanen in Aziё. Maar voorlopig blijft het een handig vehikel voor China om haar diplomatie meer kracht bij te zetten, en voor de andere landen om mee op de Chinese kar te springen.

Stefaan Van Kerchove

(De auteur is Azie & China-expert en freelance journalist.)

@Allen: reageren op deze bijdrage impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees dus de gewijzigde regels - mod

6 Antwoorden op “De groeiende macht van de BRICS-landen”

  1. Marc Leys Zegt:

    Ik denk dat zuid afrika bij de Brics hoort omdat het het enige relatief ontwikkeld land met een toekomst is van Afrika, waar de buitenlandse plundelaars minder te stellen hebben. En zeg voor deze maar dank u wel aan het Blanke bewind, dat minder met zich liet sollen dan dat Zuma, dit toelaat..
    Zuid afrika blijft omwille van zijn ertsen én zijn potentieel politiek-militaire rol in Afrika hoe dan ook zéér belangrijk, tenminste als het ANC en de Volkspartij hun land niet gaan verkwanselen

    marc

  2. Joseph Zegt:

    We moeten misschien niet zo angstig zijn voor de ontwikkeling van de BRIC-landen.Er mee samen werken zal ons verder voorruit helpen dan er angst voor te hebben.Die landen zullen op een moment ook wel hun “groeipijnen” meemaken.
    Een heel goed opiniestuk !

  3. Rik De Bondt Zegt:

    Heel goede analyse. Zou verplichte literatuur moeten zijn voor de vele ‘opniniemakers’ die hier een doemverhaal mogen komen vertellen over de ‘ondergang van Europa’ zonder enige notie van geo economische politiek.
    Eén bedenking: ik ben niet zo bang voor de militaire ambities van China. Het land heeft in zijn 4000 jarige geschiedenis nooit expansieve ambities gehad, ondanks het feit dat ze daar economisch de middelen en de kennis toe hadden. Ik vind het daarom op zijn minst onverstandig van Obama om in Australie en Indonesie de oorlogstrom te roffelen.Hij had er beter aan gedaan eens met Henry Kissinger te praten.
    Verder is het duidelijk dat onze verlichte leiders zich beter niet teveel met de mensenrechten in China zouden moeien.Ik weet wel dat dit voor intern electoraal gebruik is, maar de Chinezen houden daar niet zo van.
    Rik.

  4. Bernard Zegt:

    @Rik De Bondt
    “Het land heeft in zijn 4000 jarige geschiedenis nooit expansieve ambities gehad, ”

    Een pertinente onwaarheid die ontkracht wordt door gewoon al eens een historische atlas open te slaan. Ik vraag mij af waarvan die idee-fixe komt en waarom ze blijft doorleven, maar china is niet zo groot geworden als het nu is door kumbaya te zingen. Integendeel.

    Dat gezegd zijnde: China heeft zo zelf een paar economische bubbels in de wachtkamer zitten dus die zijn er nog lang niet.
    India en Brazilië zie ik nog deze eeuw deel worden van het Westen, net zoals Japan dat heeft gedaan. Rusland? Ach die zijn kierewiet.

  5. peter Zegt:

    @ Bernard

    China heeft nooit echt koloniale ambities gehad, de enige gebiedsuitbreiding betrof (grondstofrijke, uiteraard) gebieden die reeds grensden aan het ‘moederland’. Zelfs Taiwan werd, vanuit historisch perspectief, eigenlijk pas zeer recent ‘Chinees’.

  6. Bernard Zegt:

    @Peter:

    De stelling was dat china nooit expansieve ambities gehad heeft.

    Ik, en de geschiedenis ondersteunt mij daarin, stel het tegendeel.
    u geeft mij daarin gelijk.
    china heeft weldegelijk expansieve territoriale ambities gehad.
    Daarover moet zelfs niet gediscussieerd worden.

Plaats een antwoord op het bericht