deredactie.be - OPINIE

Krijgt het volk de leiders dat het verdient?

26 / 12 / 2011
Nu de regering Di Rupo is ingezworen en het eerste kernkabinet achter de rug is, is een historische episode uit de Belgische politieke geschiedenis afgesloten. Voor de geïnteresseerde onderzoeker van de relatie tussen verkiezingen, verkiezingsuitslagen, vertegenwoordiging en bij uitbreiding ook regeringsvorming bestuderen, breekt een gouden tijd aan. Ieder op zijn of haar domein heeft wel iets te zeggen over het resultaat van de federale verkiezingen van 13 juni 2010 en wat we ermee aan moesten vangen.

Vlaamse aanwezigheid

Eén van de meest zichtbare resultaten en het meest recente is de regeringsformatie. Het is een boutade dat een volk de leiders krijgt dat het verdient. De discussie van de voorbije dagen volgend, lijkt het alsof niemand er nog echt van overtuigd is dat de Vlamingen wel degelijk op een correcte manier in de federale regering vertegenwoordigd zijn. Zeker aan Vlaamse kant vallen scherpe kritieken te noteren, niet in het minst van oppositiepartij N-VA. Zowel het regeerakkoord als de samenstelling van de regering zelf worden grof op de korrel genomen.

Of Di Rupo voor een meerderheid van de Vlamingen een terechte eerste minister is en of dat omgekeerd voor Walen zou gelden mocht Bart De Wever premier worden, laten we even in het midden. In wat volgt, doen we op even rudimentaire als intuïtieve wijze de proef op de som en bekijken we in welke mate de verkiezingsuitslag van de zes regeringspartijen (winst of het verlies ten opzichte van de federale verkiezingen van 2007) zich hebben vertaald in winst of verlies van het aantal regeringsposten en dus portefeuilles (ministers en staatssecretarissen).

Regeringsdeelname in het licht van de verkiezingsuitslag

Wat blijkt: de relatie in omgekeerd evenredig; anders gezegd uit de samenstelling van de regering Di Rupo lezen we af dat partijen die door de kiezer werden beloond, in verhouding minder portefeuilles bemachtigden dan die partijen die bij de laatste federale stembusgang in totaal stemmen verloren. Meer in detail kunnen we het volgende vaststellen. Ten eerste leveren Cd&V, MR en Open Vld minder posten in in verhouding tot de relatief negatieve verkiezingsuitslag van juni 2010 (in vergelijking dus met de verkiezingen van 2007); deze partijen zijn met andere woorden relatief oververtegenwoordigd in Di Rupo I.

Ten tweede lijkt CdH relatief correct vertegenwoordigd (quasi status quo op beide vlakken).Ten derde, SP.a was niet vertegenwoordigd in Leterme II wat maakt dat alle mandaten dus netto winst zijn, maar de regeringsdeelname is veel beduidender dan men op basis van de negatieve verkiezingsuitslag had mogen dromen. Ten slotte levert de PS als ‘grootste regeringspartij’ vanzelfsprekend de premier maar had ze op basis van haar verkiezingsuitslag duidelijk recht op meer en is dan ook relatief ondervertegenwoordigd.

Kortom, de ruwe cijfers lijken te wijzen op een relatieve oververtegenwoordiging van de partijen die tussen 2007 en 2010 kiezers verloren en een relatieve oververtegenwoordiging van de partijen die tussen beide verkiezingen kiezers wonnen. [Bij uitbreiding geldt dat zeker voor N-VA die helemaal niet vertegenwoordigd is in de regering.]

Relatief gewicht van de ministerposten

Vanzelfsprekend is naast het aantal portefeuilles ook het soortelijk gewicht van de portefeuille van belang. Bekijken we de inhoud van de portefeuilles dan blijkt bovendien dat de omgekeerd evenredige relatie tussen de verkiezingswinst- of verlies en de regeringsdeelname is bovendien het sterkst aanwezig is voor de ‘belangrijkste’ ministerposten. De ‘dikste’ ministeriële portefeuilles (zowel politiek als budgettair in de middelenbegroting) zijn: (1) pensioenen (sociale zekerheid) en in mindere mate justitie (beide bij Open Vld), (2) overheidsbedrijven (incl. vervoer en federale politie) en in mindere mate sociale zaken en volksgezondheid (beide PS), (3) defensie en financiën (beide CD&V), (4) en buitenlandse zaken (MR). Economie en tewerkstelling (beide Sp.a) neemt een in verhouding veel kleinere hap uit de federale begroting.

Met andere woorden, niet alleen in aantal ministerambten zeker ook op vlak van middelenbevoegdheid verzilveren Open Vld en CD&V op een vrij onorthodoxe manier hun regeringsdeelname. Deze lijn kan bovendien worden doorgetrokken naar de bezetting van de aan de kabinetten toegevoegde staatssecretariaten: opnieuw zijn het CD&V (ambtenarenzaken, regie der gebouwen en staatshervorming (gedeeld met CdH)) en Open Vld (asiel, migratie en integratie) die controle over deze belangrijkste “extra kabinetten” hebben verkregen.

Wie niets doet, kan niets misdoen

Met N-VA (en Vlaams Belang en LDD) in de oppositie en Di Rupo als premier hebben ‘de Vlaamse kiezers’ deze keer wellicht niet voor het volle pond de leiders gekregen die ze in gedachten hadden toen ze op 13 juni 2010 hun stem uitbrachten. Of de afwezigheid van N-VA in de regering electorale sporen gaat nalaten, zal minstens evenveel afhangen van het resultaat dat de regeringsploeg boekt als van het resultaat van het oppositie voeren. En dat laatste richt zich voorlopig vooral op de positie van de premier.

Maar wat de critici en sceptici ook beweren, reden tot paniek over de vermeende almacht van Di Rupo is er ons inziens niet: de belangrijkste bevoegdheden zijn in Vlaamse handen. Of alle Vlaamse regeringspartijen opgewassen zijn tegen de stroom van kritiek die ze alle zullen moeten slikken bij de uitvoering van het regeerakkoord, valt nog af te wachten. Alleszins Open Vld, minister van Pensioenen voorop, toonde de voorbije week geen tekenen van koudwatervrees, wel integendeel. Het ontbrak niet aan daadkracht. En ja, wellicht dient gewerkt aan de communicatie van de boodschap dat slechte heelmeesters stinkende wonden maken en dat niemand (noch Europa noch de kiezer met wie in 2014 de volgende afspraak volgt) zit te wachten op een volledige ontsporing van de Belgische sociale zekerheid, maar voor ‘de politiek’ is het essentieel dat de inhoud en de impact van het akkoord inmiddels behoren tot het breder maatschappelijk acquis. Zonder afbreuk te willen doen aan de verzuchtingen van de protesten en manifestaties tegen de hervorming van het pensioenstelsel lijkt het toch of we een punt aan het naderen zijn waarop we onszelf moeten afvragen of we nog met een regering en een parlement verder willen. Of hoe snel het gemak van een regering van lopende zaken went…

Tom Schamp

(De auteur is politoloog aan de Gentse universiteit.)

@Allen: reageren op deze bijdrage impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees dus de regels - mod

12 Antwoorden op “Krijgt het volk de leiders dat het verdient?”

  1. maes renaat Zegt:

    Bij federale verkiezingen, en dus een federale regering, moet je in een democratie kunnen stemmen voor het hele land.
    Als je in vlaanderen woont, kan je niet stemmen voor dirupo of miquet.
    Dit is fout, enzou moeten zo snel mogelijk gewijzigd worden.
    Dan pas kan je bekijken, volgens het antal stemmen, wie de federale regering zal vormen, invullen.
    En dan nog: als er een partij is, die niet in staat, of niet bereid is, om compromissen te sluiten, of erger: geen federale staat wil: dan kan je niet meedoen.
    Dan ben je hypocriet bezig.
    Als je geen federale staat wil, zet je dan ook niet op een kieslijst voor de federale verkiezingen.

  2. matthew I Zegt:

    aan maes renaat: eerst zegt u dat iedereen op iedereen moet kunnen stemmen eenders van welke regio ze zijn en dan zegt u dat het niet zou mogen om op een partij te laten stemmen dat het systeem wilt veranderen. U noemt laatstgenoemde partij hypocriet, maar bent u dat dan zelf niet? U praat over democratie maar wilt niet dat 30% (en volgens sommige peilingen bijna 40%) van een bevolkingsgroep gehoord worden …

  3. Paul Hoornaert Zegt:

    De balansen worden opgemaakt, voor Vlaanderen is de oogst mager. En toch vind ik dat het volk de leiders krijgt dat het verdient.
    Di Rupo wacht niet af dat zijn honeymoon van 100 dagen voorbij is . Hij denkt dus nu reeds dat hij sterk in het zadel zit ,en reeds incontournable is .
    Di Rupo heeft reeds verklaard dat hij voortgaat met de zes partijen tot 2019 . Hij en zijn PS willen daarvoor de Vlaamse partijen in de huidige regering bedanken voor hun steun, en hen iets geven. Op deze wijze wordt de NV-A afgeblokt en blijft de PS staat van Wallonie tot 2019 aan de macht.Met Open Vizier gaat Di Rupo van start, hij heeft duidelijk niets te verliezen.
    De Vlaamse democratische meerderheid staat in dit senario tot 2019 voor schut, en heeft recht op niet nader gekende gunsten van de PS van Di Rupo.Met de methode Di Rupo wordt dit vast niet meer dan een bord linzensoep, daar de diepgaande hervormingen bevroren blijven tot 2019.
    Men kan concreet stellen dat na 545 dagen stellingenoorlog en veel tandengeknars , er geen echte vooruitgang voor Vlaandren op de plank ligt. Velen stelden dat er geen vlaams front noodzakelijk was , om de onderhandelingen te doen lukken.Onderhandelingen die enkel tot een accoord geleid hebben wegens de formidabele druk van de financiële markten, Alleen met de methode Di Rupo was er anders nog geen spoor van oplossing in de lucht. De onverzettelijkheid van de PS is een staatszaak in dit land .
    Het blijkt ook dat tijdens de laatste weken van de onderhandelingen het plan B intern bij de waalse onderhandelaars op tafel lag.
    Niet het plan B maar de inhoud van dit plan is een diep bewaard geheim. Aanhechting bij Frankrijk was de enige optie , laten we duidelijk zijn.
    Hopelijk zijn onze Vlaamse leiders opgewassen tegen de volgende verkiezingen , indien de PS van Di Rupo invloed wil , dan moet zij zich beperken tot Wallonië , linzensoep lusten wij niet.
    Vlaanderen heeft dringend nood aan een nieuwe starategie en een aktief beleid met visie .

  4. Patrick P. Zegt:

    Het volk krijgt wel degelijk de leiders die het verdient. Als de meerderheid in vlaanderen niet akkoord is met de samenstelling van de huidige federale regering waarom komen ze dan daar niet voor op? Mij lijkt het erop dat vlaanderen sterker verzuild is dan men wel zou denken. In de huidige maatschappij heeft iedereen (die het relatief beter dan gemiddeld goed heeft) wel ergens een politieke arm(pje) om zich in te dekken. Zij het via de syndicale weg op de werkvloer dan wel via de dorpspolitiek of provincieraad.

  5. Frank W. Zegt:

    Een volk heeft de priesters die het wil en de regering die ze verdient

  6. C.V. Zegt:

    De boutade dat een volk de leiders krijgt die het verdient gaat voor België niet op. Zolang dit niet verholpen wordt zal de wrijving enkel maar toenemen.

  7. Louis Lagae Zegt:

    Er is een belngrijke stelling waar essayist en ik grondig van mening verschillen. Hij stelt ( ik hertaal even) ” Het resultaat van de nu volgende verkiezingen zal afhangen van het parlementaire werk”.

    Het resultaat daarvan kan en zal niet goed zijn! Enz., enz..

    Voor mij zullen die meer afhangen van een voortschrijdend - gericht op structurele veranderingen - inzicht door de kiezer.

  8. Dries V. Zegt:

    In een democratie door vertegenwoordiging krijg je nooit de leiders die je verdient maar een tweede graads keuze. Je krijgt een parlement dat je verdient maar ook dat parlement is geboden aan een fractie leider die je zelf niet hebt gekozen. Je krijgt een partij die je kiest maar blijkbaar veranderen partijen sneller van standpunt dan een windhaan, gewoon om postjes te kunnen verwerven.

    Trouwens het zijn ‘Zachte heelmeesters die stinkende wonden maken’

    @maes renaat: als jij 1 kieskring in Belgie kan krijgen met 1 lijst per partij voor alle belgen dan heb je al 1 stem van mij.

  9. Koen V. Zegt:

    Is er eigenlijk nog één mens die helder weet wie wij verdienen als leiders?

    Maar in de natuur komt de chaos ook voor en die is niet altijd slecht. Laat ons daar misschien aan optrekken.

    Als lijkt de natuur ook vaak het noorden kwijt, met al die menselijke ingrepen…

    En dus hebben we de natuur die we verdienen.

  10. rob Zegt:

    volkomen terecht dat de partijen die tientallen jaren hun kop in het zand hebben gestoken voor de problemen die zich nu stellen en voorrang hebben gegeven aan de hun postjes en ( zuilen ) belangen boven het lange termijn belang van de burger de zaken nu moeten oplossen . En dat Elio Di Rupo de ‘ primus inter pares ‘ is geworden zegt heel veel over de burgers van dit land .
    Dat de traditionele partijen het dus maar oplossen …. ze moeten toch de grote krachtlijnen van de EU volgen . De wakkere werkende Vlaming kan dat ‘gekakel in de marge’ dan ook met enige interesse volgen maar moet wel op zijn ganzen letten .

  11. Félicien Manon Zegt:

    Krijgt het volk de leiders dat het verdient? Bijlange niet, meer dan 2 miljoen voorkeurstemmen gingen bij de laatste federale verkiezingen verloren doordat 25 federaal verkozen schijnkandidaten van 8 verschillende partijen achteraf beslist hadden om niet te zetelen. Dat blijkt uit een rapport(14/07/2010) van Transparency International België.

  12. Jo Zegt:

    Mijn mening voor het nieuwe jaar 2012 en uiteraard over onze eerste minister is : de werkende mens gaat de rekening weer betalen ipv adem ruimte te geven (minder belastingen en meer besparen op die onnodige regeringen –> waarom niet één regering????). Hij heeft trouwens in het arme wallonië niet veel kunnen doen waarom zou hij het dan doen voor heel het land!!!!!

Plaats een antwoord op het bericht