deredactie.be - OPINIE

Magistraten: vaak te veraf, soms te nabij ?

15 / 01 / 2012
Vraag nu aan een jong magistraat of hij een “gewoon mens is”, en die zal je vaak spontaan lachend “ja natuurlijk” antwoorden. Stelde je een kwart eeuw geleden die vraag aan de ouwe garde, en ze keken gekwetst op als bij majesteitsschennis.

Vandaag, 137 dagen na mijn ontslag als magistraat geniet ik toch van het verschil. Ik was wél degelijk “iemand anders”. Of bijna.

Als iemand me nu aanspreekt met “mag ik u een vraag stellen ?” is het wantrouwend wederwoord niet meer de obligate waarschuwing: “ja, maar ik zal u waarschijnlijk niet mogen antwoorden”.

Een magistraat is inderdaad geen vrij mens

Aan rechters (en griffiers) is het niet alleen verboden advies te geven, of politieke standpunten in te nemen, ze hebben ook een voorzichtigheidsplicht in verband met persoonlijke contacten die “onkies” kunnen uitvallen in hun professionele opdracht. De eerste regel is wettelijk voorzien, de tweede wordt afgeleid uit de ‘scheiding der machten’, en de derde kadert wollig in wat de ‘deontologie’ heet.

Vooral die laatste excelleert in vroom geprevel, wat nogal wat invulling ‘à la carte’ mogelijk maakt, en dus ook berekend misbruik vanuit de hoog torende hiërarchie.

Kort samengevat: een magistraat heeft geen ‘statuut’ dat die naam waard is, een pak formele plichten, maar nauwelijks afgelijnde rechten, en dus onder meer niet alleen geen spreekrecht, maar zelfs… geen spreekplicht. Ooit zal ook ons land dàt eens moeten uitleggen in Straatsburg: over het falen – of succes - van methodes, en vooral onze loodzware dekens van stilte.

Middeleeuwse regels zelfs: als magistraat kon je tot voor enkele jaren tot schadevergoeding veroordeeld worden als je je weerbarstig opstelde tegen een verzoek tot wraking. Zonder gehoord te worden dan nog. In de énige wrakingsprocedure die ik moest doorstaan dacht ik dus wel méér dan twee keer na. Waarom in ’s hemelsnaam een dossier onder je willen houden dat je beter kwijt dan rijk zou zijn ?

De reputatie van “gedreven rechter”: daarmee bedoelen ze eigenlijk altijd de “verkeerde rechter”.

Dat “wraken” ook een negatieve vorm van ‘judge shoppen’ kan camoufleren (“ik wil die strenge rechter niet”), dààr heeft de wetgever nog niet diep over nagedacht. Ook politierechters met een uitgesproken beleid zullen dit wellicht ooit op hun bord krijgen, en daarenboven des te vaker het Parket eigenmachtig en gericht ‘zijn’ rechter kiest: ‘à la carte’.

Oordeelde het Hof van Cassatie ondertussen al niet dat een rechter wel publieke standpunten mag innemen, maar “in gematigdheid” ? ‘Middelmaat’, de flauwe deugd in een beroepsgroep waar niemand onbeschadigd zijn nek uitsteekt.

Weeral: niets gevaarlijker dan goede bedoelingen

Vooral sinds de Dutroux-affaire werd de afbraak van de ‘ivoren toren’ een wedstrijd tussen juridische aannemers en architecten. De rechter moest “naar buiten treden”, “de pols van de samenleving nemen”, “oog in oog met de burger” staan.

‘Diamonds are forever’, maar – enkel als voorbeeld - voetbal is tijdens het seizoen iets van alledag. Ook een ferme klepper als ‘business’ overigens. Voor het voetbalseizoen 2007-2008 peuterde een goed bedoelende voetbalfan-rechtbankvoorzitter vier gratis abonnementen los bij een club met wat ik een AAG+rating zal noemen. De voor zijn openheid alom geprezen en ondertussen betreurde magistraat was inzake die PR-tussenkomst voor het eigen personeel terzelfdertijd goed én slecht geplaatst: zijn gezin beschikte over twee betalende abonnementen, én hijzelf was vooraanstaand lid van een sportrechtbank. Meteen dus een troef én een nieuw probleem erbij.

De hetze die daarover ontstond begreep hij niet want “het Parket heeft al jarenlang 3 gratis abonnementen, en 4 voor 40 rechters betekent dat iedereen maximaal 2 keer gratis naar het voetbal kan. Denkt men nu echt dat een magistraat omkoopbaar is met een voetbalkaartje ? Ook invitaties voor concerten van het Festival van Vlaanderen of een stadsreceptie moeten dan geweigerd worden, want ook de stad komt wel eens voor de rechtbank” (Het Nieuwsblad 3 november 2007).

Inderdaad een doordenkertje, met dien verstande dat een stadreceptie niet betalend is, en een concert wel, tot in de bovenste en achterste rijen, in de volksmond als het ‘Uilenkot’ bekend. Laatboekers op eigen kosten kennen dit reikhalzend perspectief, ‘gratis genodigden’ op eliteplaatsen niet. Het verschil tussen de uilen, en de pauwen? Maar ook een ‘stadsreceptie’ is geen volksfeest: er hoort een uitnodiging bij, wat het principe huldigt van de ‘Happy Few’.

Ootmoedig zal ik erkennen: van mijn stad kreeg ik die huldiging op de allerlaatste dag van m’n carrière (zie de You Tube op m’n Law Blog), en misschien was dat inderdaad ook nog één dag te vroeg. Sorry dan.

Eigenlijk een vraag van alledag, tot bij de bakker

Hoe vertrouwelijk kun je als rechter omgaan met iemand tot je in eer en geweten niet meer onbevangen over diens belangen kunt oordelen ?

Oordeelt een vrederechter over de handelshuur van zijn bakker of slager ? Of over de facturen van z’n eigen garagehouder, de school van z’n kinderen, de medische prestaties van het eigen ziekenhuis ? De ‘nabijheidsrechter’ kan ervan meespreken hoe klein de wereld is. En ‘klein’ lijkt altijd onschuldig. Daar begint het altijd mee. Zoals voor alle verslavingen. Dàt zeggen rechters zélf toch iedere dag ergens op een zitting ?

Het gevaar in grote dossiers is in verhouding, dus enorm van omvang, maar dan ook dermate duidelijk dat je je afvraagt hoé het in Antwerpen zelfs maar kon komen tot de Indische pakjesdans. Het flauwste excuus is dan nog dat het hier niet over “in het onderzoek betrokken rechters gaat”: de inkt van de regeringsverklaring is immers nog niet droog over de ‘mobiliteit’ van rechters, en die takenwissel is nù al nergens groter dan intern in een rechtbank van eerste aanleg. Onderzoeksrechter ben je voor een tijdelijk mandaat, en uiteraard erf je bij uitstek in monsterdossiers, met jaren vertraging, materie waar je voorheen nooit mee te maken kreeg. En dan is het te laat voor wie ondertussen besmet werd.

Vertraging wegens een wrakingscarroussel is voor een verdachte altijd mooi meegenomen met de tikkende klok van verjaring. Of het “importeren” van externe rechters om de pijnlijk ontbrekende lokale krachten te vervangen: in het proces Erdal liep dat ook niet goed af.

Kortom: rechters die een buitenkansje willen, moeten gezellig incognito op soldenjacht, niet ex officio op bedeltocht. Anders worden zij de kooplieden in de tempel.

Volg het Italiaanse voorbeeld

Italiaanse rechters krijgen – hoofdzakelijk om veiligheidsredenen – sinds lang al het advies om in buiten de professionele contacten, hun beroep te omschrijven als ‘ambtenaar’ – een terechte terminologische gruwel voor fans van de ‘Derde Staatsmacht’.

Nochtans is het zàlig door het leven te gaan als een illustere onbekende, zonder het aureool van een blauw zwaailicht. Het lijkt me zelfs hilarisch dat rechters ‘ambtshalve’ op uitnodigingen zouden azen om zich te “laten informeren” over bepaalde sectoren. Jaren geleden liet ik het immers al verbatim drukken: “als ze weten wie je bent, gedragen ze zich anders” (Krant van West-Vlaanderen, 28 augustus 2008). Dat viel toen erg kil.

De Antwerpse voorzitter Mahieu bepleitte niet zo lang geleden een 2% snoei in de lonen van magistraten (en 3% voor korpschefs). Inderdaad niet ongepast in het inefficiënt systeem dat we nu kennen, maar dan ook niet te compenseren met presentjes.

Ten andere het tegendeel van wat al vaak bepleit werd: verhoog de lonen (hier nu nog bij de laagste van Europa), en reduceer het aantal magistraten. We hebben er niet te weinig, wel degelijk te veel, zoals ook o.m. Prof. E. Storme en advocaat Walter Van Steenbrugge al lang terecht bepleiten.

Ooit riskeren er nu in de Antwerpse rechtbank voor één proces alvast te kort te zijn. Toerisme doe je als magistraat daarom beter op eigen kosten in je nu nog meestal ruime vrije tijd: van Bombay tot Istanbul, en van Rome tot Jeruzalem. Dat reduceert ook de speeltijd tijdens de werkuren, want rechters hebben geen prikklok.

Lobbying: de balans van de omgekeerde wereld

Eigenlijk de essentie van het debat: selecte uitnodigingen mankeren altijd de waardevolste schakel (want de zeldzaamste !): de relatie met de ‘zwakkeren’ van onze samenleving, die we helemaal niet moeten beperken tot de 15 % Belgen die onder de armoedegrens leven. Rond Borgerhout of Doel bijvoorbeeld, maar dat zijn géén toeristische attracties. De modale Belg ‘tout court’, als consument – laat staan als consument van justitie – staat helemaal niet sterk in zijn schoenen, maar heeft geen lobby, geen ambassadeur, zelfs niet in Schoten of Brasschaat.

Hij zou er nochtans wel méér dan eentje kunnen gebruiken, zelfs zonder vlag en wimpel. Nu kan enkel de dossierkennis en professionele nieuwsgierigheid van een onbevangen rechter hem gerechtigheid bieden. Lobbying vertekent de balans altijd: daar is een lobby overigens voor gemaakt, of wat dacht u anders ?

Champagne, fruitsap, of zelfs thee: tel de invitaties na die ieder magistraat bijna dagelijks ontvangt, en de korpschef bij uitstek. Het wordt je altijd aangeboden door de sterke repeat-players. Zij die zelf de wetten helpen maken, dus dat maakt de voorsprong dubbel. Dus altijd bedoeld als straffe koffie om je ‘wakker’ te maken. Voor hùn zaak. Op die manier dreigt de omgekeerde wereld: “fort avec les pauvres, faible avec les forts”.

Vriendelijkheid impliceert geen vertrouwelijkheid, maar afstandelijkheid maakt familiariteit alvast onmogelijk. Op de zitting, met àlle partijen erbij (de essentie van wat justitie ‘tegenspraak’ noemt), en een beetje empathie, leer je overigens veel meer dan bij “bedrijfsbezoeken”, eenzijdig geknipt op maat van de VIP, en dus ‘fake’, lees: wereldvreemd.

Nein, Danke”: voor beleefde magistraten een veilig reflex. Ook een kwestie van midden het échte leven te blijven. Ga anders dromen in Disneyland. En ook op eigen kosten.

Jan Nolf
(De auteur was bijna 25 jaar vrederechter en schrijft bedenkingen over justitie op zijn Law Blog www.JustWatch.be )

@Allen: reageren op deze bijdrage impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees de gewijzigde regels - mod

10 Antwoorden op “Magistraten: vaak te veraf, soms te nabij ?”

  1. Staf Van Hove Zegt:

    Ik ben voorzitter van een toneelkring. Enkele maanden geleden had een buschauffeur van de lijn me gezegd dat hij graag zou deelnemen aan amateur toneel. Groot was onze verbazing toen bleek dat die meneer het advies vroeg aan de personeeldirecteur van De Lijn te Gent en we waren als aan de grond genageld toen we kennis kregen dat het advies negatief was omdat het imago van De Lijn zou kunnen geschaad worden.
    Een magistraat, een rechter of zelfs aan openbaar bedienaar weet wannneer hij zo een job aanvaardt dat het zeker een beperking inhoudt omtrent zijn wijze van doen.
    Rechters zouden zeker moeten weten wanneer er een onderzoek is inzake een miljardenfraude, van daar liefst uit de buurt te blijven. Daar komen geen regels of deontologie bij te pas. Dat moet parate kennis zijn.

  2. Dirk Vleugels Zegt:

    Verfrissende kijk op de essentie van het magistraat zijn!

  3. guido Zegt:

    Steeds een afstandelijkheid houden, eens op “café” gaan zoals iedereen wel eens doet. Je moet maar iemand tegenkomen die je kent.De buren, familie ….
    Zo’n 50 jaar geleden geldde dat ook voor de toenmalige rijkswacht. Die mochten niet gelijk waar wonen, kregen elk jaar controle hoe ze woonden, zich niet partijdig konden opstellen.
    Er is toch steeds een soci!ale druk en controle.

  4. René Lenaerts Zegt:

    Magistraten hebben een hondenstiel in die zin dat ze inderdaad met de nodige “smetvrees” door het leven moeten. Ik hoop dan ook dat ter compensatie diegenen die hard werken in deze stiel ook tevreden kunnen zijn met hun wedde en statuut.
    Maar toch heb ik er een gekend van een niet zo oude garde die zijn “pluralis majestatis” zelfs bij ieder telefoongesprek manifesteerde. Als je hem ter inleiding vroeg of je met “auditeur X” sprak, antwoordde hj steevast : “Sprekende met hemzelf”,
    Die zinsnede, regelrecht ontsnapt uit een PV van verhoor, benam mij iedere lust tot enige vertrouwelijkheid, maar ook ieder vertrouwen in dergelijke indiviuën.
    Moet een magistraat een gewoon mens zijn? Liefst toch een beetje.

  5. m ki Zegt:

    Ik vind het heel verhelderend dat Jan Nolf deze bijdrages levert. Hij is zelf pas op pensioen en ik denk dat hij dus weergeeft wat er vandaag leeft in onze gerechtelijke wereld.

    Ik leer hier uit dat deze wereld niet in staat is gebleken om zichzelf te organizeren rond wat wel en niet kan.
    Dat verbaast me niet, het bevestigt eerder mijn vermoeden.

    Ik heb altijd voor grote amerikaanse mutinationals gewerkt, en deze hebben bijna allemaal heel goed uitgewerkte policies.
    Geschenken (ook diners) van meer dan 50 USD kunnen niet persoonlijk worden aanvaard, zo simpel is dat.
    Magistraten en rechters zouden zich ook beter aan dat soort van zaken houden.

  6. Louis Lagae Zegt:

    Een eerlijke vraag : waar wordt de dossierkennis van parket (vooral) en zittend gecontroleerd? De Heer Nolf schrijft zelf : dossierkennis en …. gerechtigheid bieden.

  7. Romain Zegt:

    Mr Lagae, ik heb zelf een carrière bij “het gerecht” achter de rug en geniet van mijn welverdiend pensioen zoals Mr Nolf.
    Ik zal het “biechtgeheim” niet schenden, maar de wijze waarop wij bewogen in de maatschappij kon, in bepaalde gevallen, vergeleken worden met het oude vlaamse spel “zaklopen”, maar dan over het hoofd getrokken. Normale omgang was af te raden, recepties bezoeken hield risico’s in, steeds opletten dat de contacten met de buitenwereld niet te nauw werden, opletten voor contacten met advocaten die buiten het professionele vielen…
    Maar om mijn dossierkennis te laten controleren… wat bedoel je eigenlijk? Ik begrijp niet goed dat eventuele dossierkennis buiten de rechtbank dient gecontroleerd. Rechtspraak gebeurt steeds op stukken, niet op vergaarde informatie naast het dossier.

  8. Lagae Louis Zegt:

    Romain, kan je bevestigen dat in kleinere strafdossiers het parket advies geeft aan de Rechter zonder het dossier gelezen, wat zeg ik, bestudeerd heeft?? Mijn ervaring en die van mijn vrienden lijkt dat toch in bepaalde gevallen aan te duiden. Moet daar, volgens jou, controle ( ik zou wel niet weten hoe ) op gebeuren?

  9. Romain Zegt:

    Mr Lagae, ik ben verwonderd dat u en al uw vrienden hierover blijkbaar informatie beschikken. Ik kan uw beweringen of vermoedens niet bevestigen noch ontkennen. Als dit al zou gebeuren kan dit enkel zijn in seriewerk (politiezaken met enkele honderden zaken op de rol bv en dan nog enkel op de eerste zitting en met bepaalde redenen).
    Nu, dat uw beweringen geen hout snijden is simpel uit te leggen. Stel dat het OM de rechter zou briefen over een zaak, dan dient dezelfde rechter zijn vonnis te baseren op het dossier, dit kan niet voorgekauwd, dus moet hij wel zijn dossier instuderen.
    Ik denk dat u beter met uw vrienden dit vermoeden laat varen.
    Dat hier controle zou moeten op gebeuren (je zou niet weten hoe), is irrelevant. Stel dat hetgeen je beweert de waarheid is, wat gaan we dan doen, naast elke rechter, substituut, griffier, … een politieagent posteren, en dan uiteraard, nog eentje om zijn collega te controleren. Moeten we dan ook heel deze bende verplichten enkel over de madammen te praten of over voetbal, over de laatste mode, vacanties…

    @Lagae & Romain: en hiermee wordt dit kryptische onderonsje afgesloten - mod

  10. Magda Peersman Zegt:

    Er bestaat, het beroepsgeheim, fabrieksgeheim, staatsgeheim, biechtgeheim en er zullen nog andere geheimen bestaan. Iedereen is zowat aan een geheim gebonden. Ik zou niet weten waarom magistraten en rechters geen normale contacten kunnen onderhouden met geburen vrienden en zelfs op sportevenementen met hun favoriete ploeg meeleven enz. Maar een rechter of magistraat moet geen contacten onderhouden met de mafia of aanwezig zijn op samenkomsten die een risico inhouden en of geschenken of dinners aannemen. Lobbyen grootste doelstelling is er voordeel uithalen en leunt nauw met corruptie aan.

Plaats een antwoord op het bericht